hp-support-head-portlet

Acties
Bezig met laden...
HP klantenondersteuning - kennisdatabase

hp-contact-secondary-navigation-portlet

Acties
Bezig met laden...

hp-share-print-widget-portlet

Acties
Bezig met laden...
  • Feedback

hp-concentra-wrapper-portlet

Acties
Bezig met laden...

HP UPD - Pop-ups van statusmeldingen van de HP UPD beheren

De HP Universal Print Driver (UPD) detecteert en drukt automatisch af op ondersteunde HP-apparaten en sommige niet-HP apparaten met één printerdriver. Wanneer u de gratis HP UPD op een pc of laptop installeert, communiceert de software met de ondersteunde apparaten om te bepalen welke unieke afdrukmogelijkheden op elk apparaat zijn geïnstalleerd.

Sommige versies van de HP UPD hebben een functie met de naam SNP (Pop-ups van statusmeldingen). SNP's bieden via een klein pop-upvenster op de client-pc directe informatie over taken en over de printerstatus.

SNP's bieden ook actuele informatie over verbruiksartikelen van de printer, zoals tonerniveaus en koppelingen naar het bestelsysteem HP SureSupply en de HP Instant Support-pagina.

De SNP-functie, die tijdens het verzenden van een afdruktaak wordt weergegeven, kan volledig worden geconfigureerd via verschillende hulpmiddelen die printerbeheerders tot hun beschikking hebben.

Opmerking:

HP UPD-versies na 6.4.1 ondersteunen SNP's niet meer.

Ga naar www.hp.com/go/upd voor de meest recente versie van de HP UPD.

Beschrijving en voordelen

Pop-ups van statusmeldingen (SNP's) geven HP UPD-gebruikers de volgende informatie:

  • Printerstatus en foutmeldingen: biedt gebruikers informatie over de printerstatus, zodat zij kunnen reageren op veel kleine printerproblemen, zoals een open deksel of papierstoringen, en deze kunnen oplossen, waardoor het aantal Helpdesk-oproepen afneemt.

  • Dashboardoverzicht van aanwezige benodigdheden: met de dashboardweergave kunnen gebruikers vooruit plannen om te zorgen dat er voldoende benodigdheden in de printer aanwezig zijn voordat er grote afdruktaken worden afgedrukt.

  • Links naar het HP SureSupply-bestelsysteem: hiermee kunt u eenvoudig legitieme HP-benodigdheden bestellen.

    Klik op de SNP Windows-optie "Benodigdheden kopen" om het bestelsysteem van HP SureSupply te openen.

  • Links naar HP-ondersteuningspagina's: u krijgt directe ondersteuning voor veel printerproblemen door op "HP Support" te klikken voor gedetailleerde informatie over de printerstatus en printerfoutmeldingen.

Hoe de SNP werkt

Als de HP UPD voor het afdrukken is geselecteerd, zal hij rechtstreeks met de printer communiceren om tijdens het afdrukken status- en taakinformatie te verzamelen. Door de printer via SNMP-get-opdrachten een query te laten uitvoeren, wordt het netwerkverkeer tot een minimum beperkt en is het alleen tijdens het afdrukken aanwezig.

Als de HP UPD niet met de printer kan communiceren, mogelijk vanwege beveiligingsinstellingen of namen van SNMP-community's die op de printers zijn ingesteld, verschijnen de pop-ups niet op de client-pc's. Normaal afdrukken wordt niet beïnvloed.

Standaard SNP-gedrag

Pop-ups van statusmeldingen zijn standaard ingeschakeld in HP UPD. Deze pop-ups zijn te zien in werkgroepen, domeinen met minder dan 100 gebruikers en in elk domein met een naam die eindigt op .local.

Voor alle andere omgevingen worden de volgende functies automatisch uitgeschakeld:

  • Printerstatusmelding

  • Koppelingen naar "HP Support" en "Benodigdheden kopen"

  • HP Special Offers-programmafunctie

Gebruik het tabblad Apparaatinstellingen op de eigenschappenpagina om SNP in of uit te schakelen

SNP kan worden in- of uitgeschakeld op het tabblad Apparaatinstellingen van de driver met HP UPD v4.7 of hoger.

Vóór HP UPD v4.7 kon SNP alleen in het SNP-dialoogvenster worden uitgeschakeld. Wanneer SNP was uitgeschakeld, kon dit niet via het SNP-dialoogvenster worden ingeschakeld.

Voor het inschakelen of uitschakelen van SNP is het volgende vereist:

  • Automatische printerconfiguratie is ingeschakeld en functioneel. Automatische printerconfiguratie kan worden uitgeschakeld in HP UPD versie v4.7 of later met een afdrukbeleid met HP UPD of Groepsbeleid van Active Directory.

    SNP kan voorafgaand aan de installatie ook met behulp van het HP Driver Configuration Utility worden uitgeschakeld. Raadpleeg de paragraaf "De SNP beheren met de HP Driver Configuration Utility" verderop in dit document voor informatie.

  • De printer ondersteunt SNP-functionaliteit

  • De printer is geen PCL3-product

Volg deze stappen om SNP via het tabblad Apparaatinstellingen in of uit te schakelen:

  1. Open de map Apparaten en printers, klik met de rechtermuisknop op HP UPD en selecteer vervolgens Eigenschappen.

  2. Klik op het tabblad Apparaatinstellingen.

  3. Stel in de sectie Installeerbare optiesPrinterstatusmelding in op Inschakelen of Uitschakelen.

  4. Klik op OK.

    In- of uitschakelen van Printerstatusmeldingen

    Optie voor printerstatusmelding

De volgende voorwaarden beschrijven de mogelijke situaties waarin de instelling Printerstatusmelding in de eigenschappen Apparaatinstellingen van het stuurprogramma kan worden in- of uitgeschakeld:

  • Als er geen HP UPD- of AD-beleid is gedefinieerd voor SNP en SNP is ingeschakeld, wordt de vervolgkeuzelijst Printerstatusmelding in de gebruikersinterface Apparaatinstellingen ingesteld op Inschakelen. De gebruiker kan deze instelling wijzigen.

  • Als SNP is uitgeschakeld via de SNP-pop-up of de gebruikersinterface Apparaatinstellingen, is er geen SNP-pop-up zichtbaar voor die wachtrij en is de vervolgkeuzelijst Printerstatusmelding ingesteld op Uitgeschakeld.

    De gebruiker kan SNP-pop-ups opnieuw inschakelen door Inschakelen te selecteren in de vervolgkeuzelijst Printerstatusmelding.

  • Als SNP is uitgeschakeld via INSTALL.EXE, is HP UPD of een van de beleidsregels (HP UPD, AD), de vervolgkeuzelijst Printerstatusmelding in de gebruikersinterface Apparaatinstellingen ingesteld op Uitschakelen.

    Bovendien wordt de vervolgkeuzelijst van de gebruikersinterface Apparaatinstellingen voor Printerstatusmelding grijs weergegeven zodat de gebruiker de beleidsinstellingen niet kan overschrijven.

Gebruik het pop-upvenster om SNP in of uit te schakelen

Het gedrag van de SNP's kunnen in het pop-upvenster worden gewijzigd met behulp van het tabblad Instellingen voor meldingen.

Als u de instellingen voor meldingen wilt weergeven, klikt u op de koppeling Instellingen voor meldingen wanneer er een pop-up zichtbaar wordt.

Opmerking:

Het tabblad Instellingen voor meldingen wordt alleen in het pop-upvenster weergegeven in een omgeving waarin geen beheerd afdrukbeleid op het netwerk wordt weergegeven.

De beschikbare opties voor configuratie zijn als volgt:

  • Ingeschakeld: hiermee kan de gebruiker selecteren of de pop-ups worden weergegeven op basis van de conditie van de printerstatus. Kies uit drie niveaus van ernst met betrekking tot wanneer u wilt dat de pop-ups verschijnen.

  • Uitgeschakeld: hiermee kan de gebruiker het pop-upvenster voor elke printervoorwaarde permanent uitschakelen.

De SNP beheren met HP Driver Configuration Utility

De HP Driver Configuration Utility is software waarmee IT-beheerders de HP UPD kunnen configureren voordat de driver op een besturingssysteem wordt geïnstalleerd. Dit is vooral nuttig bij het configureren van de HP UPD voor meerdere werkstations of printerservers voor afdrukwachtrijen met dezelfde configuratie.

Volg deze stappen om het SNP-gedrag van de HP UPD vooraf te configureren:

  1. Download en open de Driver Configuration Utility.

    1. Ga naar www.hp.com/go/upd en selecteer Nu downloaden.

    2. Selecteer een (willekeurig) product en (willekeurig) besturingssysteem en download de PARK (Printer Administrator Resource Kit) die de Driver Configuration Utility bevat.

      Opmerking:

      Afhankelijk van hoe de HP UPD is geïnstalleerd, wordt er mogelijk een bericht weergegeven dat aangeeft dat wijzigingen die aan de HP UPD zijn aangebracht de digitale handtekening ongeldig kunnen maken en wordt er mogelijk een Microsoft-waarschuwingsbericht weergegeven. Het waarschuwingsbericht is normaal. Klik op OK om verder te gaan.

  2. Klik op Bestand en op Openen en blader naar de map waarin de HP UPD zich bevindt.

  3. Selecteer het .CFG-bestand voor de HP UPD en klik op Openen.

  4. Klik op Apparaatinstellingen en vervolgens op + om de lijst met printerstatusmeldingen uit te vouwen.

    Opmerking:

    Het wijzigen van een .CFG-bestand van een driver maakt de driverhandtekening (WHQL) ongeldig. Driverinstellingen kunnen ook gewijzigd worden zonder de handtekening te verbreken door de wijzigingen als .CFM-bestand op te slaan.

    Het *.CFM-bestand kan gebruikt worden tijdens de installatie van de driver wanneer u INSTALL.EXE gebruikt met de optie /gcfm of door het bestand voor de installatie te kopiëren naar windows\system32\spool\drivers\w32x83\3 (voor 32-bits systemen) of windows\system32\spool\drivers\x64 (voor 64-bits systemen)

  5. Selecteer de gewenste opties voor pop-ups.

  6. Klik op Bestand en vervolgens op Opslaan als. Sla het bestand vervolgens op als .cfm-bestand met dezelfde naam als het oorspronkelijke bestand in dezelfde map als het oorspronkelijke bestand.

Zie de Ondersteuningshandleiding preconfiguratie HP stuurprogramma voor meer informatie over het HP configuratiehulpprogramma voor drivers.


hp-feedback-input-portlet

Acties
Bezig met laden...

hp-feedback-banner-portlet

Acties
Bezig met laden...

hp-country-locator-portlet

Acties
Bezig met laden...
Land/regio: Flag Nederland

hp-detect-load-my-device-portlet

Acties
Bezig met laden...