hp-support-head-portlet

Acties
Bezig met laden...
HP klantenondersteuning - kennisdatabase

hp-contact-secondary-navigation-portlet

Acties
Bezig met laden...

hp-share-print-widget-portlet

Acties
Bezig met laden...
  • Informatie
    CORONAVIRUS (COVID10) Impact:

    door de maatregelen ter bestrijding van het Coronavirus hebben we momenteel langere wachttijden aan de telefoon. Wij raden U aan om onze digitale oplossingen te proberen zoals de Virtuele Agent en onze Diagnostics tools. Op die manier bent u sneller geholpen. Instant Ink klanten verwijzen wij naar instantink.com. Daar worden de meeste van uw vragen beantwoord.

    Informatie

    Herstel intermitterende print spooler-servicefouten die ervoor kunnen zorgen dat printtaken mislukken na een Windows-update.Klik hier

hp-concentra-wrapper-portlet

Acties
Bezig met laden...

HP notebook pc's - Informatie over Apparaatbeheer in Windows 7

Dit document is van toepassing op HP notebook pc's met Windows 7.
Dit document bevat informatie over het gebruik van Apparaatbeheer en over foutcodes.
Apparaatbeheer is een programma waarmee u de toestand van de hardwarecomponenten van de computer kunt controleren, zoals het optische schijfstation, de grafische display, geluidschip en webcam. U kunt onder andere de volgende acties uitvoeren:
  • Controleren welke hardware en drivers geïnstalleerd zijn op uw computer.
  • Drivers bijwerken.
  • Overbodige of conflicterende drivers verwijderen en drivers opnieuw installeren met behulp van de HP Recovery Manager.
  • Informatie over fouten weergeven.

Waar kan ik Apparaatbeheer vinden?

Volg de volgende stappen om Apparaatbeheer te openen en hardware- en driverinformatie te bekijken:
  1. Klik op Start, typ apparaat in het zoekveld in en selecteer vervolgens Apparaatbeheer in de lijst.
  2. Dubbelklik op het soort apparaat (bijvoorbeeld op Beeldschermadapters) om een uitgebreide lijst met apparaten in de desbetreffende categorie te bekijken.
  3. Klik met de rechtermuisknop op een apparaat en selecteer Eigenschappen om de algemene informatie over de drivers te bekijken.

Wat betekenen de tabbladen Eigenschappen Apparaatbeheer?

In de volgende tabel wordt kort uitgelegd wat ieder tabblad in Apparaatbeheer omvat:
Tabblad
Definitie
Algemeen
Informatie over de driver met betrekking tot het type, producent, locatie en werkstatus. De status van het apparaat informeert u als er een fout is of dat het correct werkt.
Driver
Meer informatie over de provider, datum van installatie en versie van de driver. Er zijn ook verschillende acties zoals het bijwerken van de driver, het uitschakelen van de driver en het verwijderen van de driver.
Informatie
Meer gedetailleerde technische informatie over de driver.
Hulpmiddelen
Beschikbare broninstellingen en informatie over driverconflicten. Klik hier voor meer informatie over specifieke foutcodes.

Werkbalk Apparaatbeheer

U kunt de werkbalk van Apparaatbeheer gebruiken om diverse handelingen voor hardware-apparaten op uw computer uit te voeren. Scroll over ieder pictogram om te zien wat het doet.
Afbeelding : Knoppen op de werkbalk Apparaatbeheer

Foutsymbolen in Apparaatbeheer

In Apparaatbeheer worden de volgende symbolen gebruikt om informatie te verschaffen over een bepaalde fout met een bepaald systeemapparaat:
Symbool
Definitie
Geel knalsymbool
Wijst op een probleem. Er verschijnt een foutcode voor het apparaat.
Uitgeschakeld apparaat
Wijst op een uitgeschakeld apparaat. Een uitgeschakeld apparaat is fysiek aanwezig in het systeem en gebruikt systeembronnen, maar heeft geen protected-modus driver geladen.
Automatische instellingen handmatig geselecteerd
De apparaatinstellingen werden handmatig en niet automatisch geselecteerd. Op een apparaatbron in Computereigenschappen geeft dit aan dat Automatische instellingen gebruiken niet is geselecteerd voor het apparaat en dat het handmatig is geselecteerd. Het wijst niet op een probleem of een uitgeschakeld apparaat.
Specifieke driver niet beschikbaar
Dit wijst erop dat een exacte (apparaatspecifieke) driver niet beschikbaar is en dat er een compatibele driver is geïnstalleerd.

Gedetailleerde informatie over foutcodes

Wanneer een foutbericht wordt weergegeven in Apparaatbeheer geeft de specifieke code de correcte oplossing aan. Gebruik de onderstaande tabel voor hulp.
opmerking:
Ga naar de pagina HP Drivers en downloads voor uw model om het meest recente BIOS of een driver- of software-update te installeren. Als u een apparaat in Apparaatbeheer wilt verwijderen, klikt u met de rechtermuisknop in de lijst op de naam van het apparaat en klikt u vervolgens op de knop Installatie ongedaan maken. U kunt ook een driver bijwerken op het tabblad Driver van het eigenschappenvenster van een apparaat. Dubbelklik op de naam van het apparaat, selecteer Eigenschappen, klik op het tabblad Driver en klik vervolgens op Driver bijwerken.
Foutcodes in Apparaatbeheer
Foutcode
Foutomschrijving
Aanbevolen oplossing
Code 1
Het apparaat is niet juist geconfigureerd.
Volg de aanwijzingen in het vak Apparaatstatus.
Of, verwijder het apparaat in Apparaatbeheer of scan op hardwarewijzigingen.
Code 2
Afhankelijk van welk toestel niet meer werkt, ziet u één van beide verschillende berichten. Deze code betekent dat de apparaatlader er niet in is geslaagd het apparaat te laden. Voor problemen met betrekking tot ISAPNP, PCI of BIOS verschijnt het volgende bericht: Kan de driver voor dit apparaat niet laden omdat de pc twee <type> bustypen rapporteert. (Code 2)
Voor andere problemen verschijnt het volgende bericht: <type> apparaatlader(s) voor dit apparaat kan de apparaatdriver niet laden. (Code 2) De
Installeer de meest recente versie van de BIOS-software voor uw notebook. Start de pc opnieuw op en verwijder vervolgens het apparaat uit Apparaatbeheer en start de computer opnieuw op om het apparaat opnieuw te installeren en initialiseren.
Code 3
Het apparaat is mogelijk beschadigd of de computer heeft onvoldoende geheugen of andere bronnen beschikbaar.
Verwijder het apparaat uit Apparaatbeheer en start de computer opnieuw op om het apparaat opnieuw te installeren en initialiseren. U kunt het probleem ook oplossen door de computer opnieuw op te starten of grote bestanden van de vaste schijf te verwijderen.
Code 4
Het .inf-bestand voor dit apparaat is incorrect of het kan zijn dat het register is beschadigd. Het .inf-bestand geeft bijvoorbeeld een veld aan dat tekst moet zijn, maar in plaats daarvan is het binair.
Verwijder het apparaat uit Apparaatbeheer en start de computer opnieuw op om het apparaat opnieuw te installeren en initialiseren.
Wek de driver bij als deze foutcode opnieuw verschijnt.
Code 5
Apparaatstoring vanwege ontbreken van een arbitrator.
Verwijder het apparaat uit Apparaatbeheer, werk de driver bij en start de computer opnieuw op om het apparaat opnieuw te installeren en initialiseren.
Code 6
Er is een conflict tussen dit apparaat en een ander apparaat.
Klik op het tabblad Bronnen in de apparaateigenschappen om de instellingen handmatig in te stellen of vervang het apparaat door een apparaat dat compatibel is met Plug en Play.
Code 7
Er kan geen configuratie voor het apparaat worden uitgevoerd.
Als het apparaat correct functioneert, hoeft u geen stappen uit te voeren om de code te corrigeren.
Als het apparaat niet correct werkt, probeer het dan te verwijderen uit Apparaatbeheer en start de computer opnieuw op om het apparaat opnieuw te installeren en initialiseren.
Wek de driver bij als deze foutcode opnieuw verschijnt.
Code 8
Apparaatlader voor een apparaat kan niet worden gevonden. Het kan bijvoorbeeld zijn dat het .inf-bestand voor het apparaat verwijst naar een ontbrekend of ongeldig bestand.
Als de DevLoader een systeem-DevLoader is, wordt de volgende tekst weergegeven: apparaat werkt niet goed omdat Windows het bestand <naam> niet kan laden. Dit bestand laadt de drivers voor het apparaat.
In de meeste gevallen dient u de driver opnieuw te installeren of bij te werken. Verwijder het apparaat uit Apparaatbeheer en start de computer opnieuw op om het apparaat opnieuw te installeren en initialiseren.
Als deze foutcode blijft verschijnen, neemt u contact op met de fabrikant van de hardware om te informeren naar bijgewerkte drivers.
Als het probleem niet verholpen kan worden, dan voert u een systeemherstel uit.
Foutcode
Foutomschrijving
Aanbevolen oplossing
Code 9
De register-informatie voor dit apparaat is ongeldig.
Verwijder het apparaat en installeer het apparaat opnieuw.
Als deze foutcode opnieuw verschijnt, neemt u contact op met de fabrikant van de hardware om te informeren naar de juiste registerinstellingen.
Code 10
Apparaat niet kon starten (het ontbreekt bijvoorbeeld of het werkt niet correct). Deze melding kan sterk variëren omdat de tekst van het bericht van de driver afkomstig kan zijn.
Zorg ervoor dat het apparaat correct op de computer is aangesloten. Controleer bijvoorbeeld of alle kabels goed zijn aangesloten en of alle adapterkaarten volledig in de sleuven zijn geplaatst.
Volg de aanwijzingen in het vak Apparaatstatus en verkrijg de meest recente drivers van de pagina HP Drivers en downloads.
Code 11
Fout van apparaat.
Verwijder het apparaat en installeer het opnieuw; werk de driver bij en controleer of het apparaat compatibel is met de gebruikte versie van Windows.
Code 12
Twee apparaten zijn aan dezelfde bron toegewezen of de BIOS-instellingen bieden de driver onvoldoende bronnen.
Schakel één van de apparaten in kwestie uit of verwijder het. Gebruik het tabblad Bronnen in de apparaateigenschappen om de instellingen handmatig in te stellen of vervang het apparaat door een apparaat dat Plug en Play-compatibel is.
Code 13
Apparaat vertoont storing vanwege een probleem in de apparaatdriver.
Verwijder het apparaat uit Apparaatbeheer en start de computer opnieuw op om het apparaat opnieuw te installeren en initialiseren.
Code 14
Er is een probleem met het apparaat dat misschien kan worden opgelost door de computer opnieuw op te starten.
Start de computer opnieuw op.
Code 15
Apparaatbronnen conflicteren met andere apparaatbronnen.
Gebruik het tabblad Bronnen in de apparaateigenschappen om de instellingen handmatig in te stellen of vervang het apparaat door een apparaat dat Plug en Play-compatibel is.
Code 16
Het apparaat wordt niet volledig gedetecteerd. Als dit het geval is, kan het zijn dat niet alle bronnen voor het apparaat worden vastgelegd.
Gebruik het tabblad Bronnen in de apparaateigenschappen om de instellingen handmatig in te stellen of vervang het apparaat door een apparaat dat Plug en Play-compatibel is.
Als deze foutcode opnieuw verschijnt, dient u de meest recente drivers te verkrijgen van de pagina HP Drivers en downloads.
Code 17
De hardware is een multifunctioneel apparaat en het .inf-bestand voor het apparaat bevat ongeldige gegevens over het onderverdelen van de bronnen van het apparaat naar de secundaire apparaten.
Verwijder het apparaat uit Apparaatbeheer en start de computer opnieuw op om het apparaat opnieuw te installeren en initialiseren.
Als deze foutcode opnieuw verschijnt, dient u de meest recente drivers te verkrijgen van de pagina HP Drivers en downloads.
Code 18
Apparaat moet opnieuw worden geïnstalleerd.
Volg de aanwijzingen in het vak Apparaatstatus. Als dat niet werkt, kunt u ook proberen het apparaat te verwijderen uit Apparaatbeheer en de computer opnieuw op te starten om het apparaat opnieuw te installeren en initialiseren.
Foutcode
Foutomschrijving
Aanbevolen oplossing
Code 19
Het register geeft een onbekend resultaat.
Volg de aanwijzingen in het vak Apparaatstatus, dat Scanreg.exe zal uitvoeren.
Als het probleem hiermee niet is opgelost, typt u in de opdrachtregel de regel scanreg/restore.
Verwijder het apparaat tenslotte vanuit Apparaatbeheer en laat het opnieuw detecteren door het apparaat opnieuw te installeren.
Code 20
VxD-lader (Vxdldr) gaf een onbekend resultaat. De geïnstalleerde versie van het apparaatdriver is bijvoorbeeld niet compatibel met de geïnstalleerde versie van het besturingssysteem.
Volg de aanwijzingen in het vak Apparaatstatus.
Als deze foutcode opnieuw verschijnt, dient u het apparaat te verwijderen uit Apparaatbeheer en het apparaat opnieuw te installeren.
Code 21
Het apparaat heeft een probleem dat wellicht kan worden opgelost als u uw computer opnieuw start.
Sluit Windows af, zet de computer uit en zet hem weer aan.
Code 22
Dit apparaat is uitgeschakeld.
Schakel het apparaat in. Klik met de rechtermuisknop op de naam van het apparaat in Apparaatbeheer, selecteer Inschakelen en start de computer opnieuw op.
Als deze foutcode opnieuw verschijnt, dient u het apparaat te verwijderen uit Apparaatbeheer en de computer opnieuw op te starten om het apparaat opnieuw te installeren en initialiseren.
Is het apparaat uitgeschakeld in het BIOS? Schakel het apparaat in vanaf het BIOS-Setup-hulpprogramma.
Code 23
De apparaatlader stelde het starten van een apparaat uit en slaagde er vervolgens niet in om door te geven aan Windows wanneer het apparaat wordt gestart.
Controleer de instellingen voor de primaire beeldschermadapter in Beeldschermeigenschappen. Verwijder de primaire en secondaire beeldschermadapters via Apparaatbeheer en start de computer vervolgens opnieuw op.
Controleer of de drivers niet verouderd zijn en of ze op de juiste wijze zijn geïnstalleerd.
Als het apparaat geen beeldschermadapter is, volgt u de aanbevolen procedure.
Als deze foutcode opnieuw verschijnt, dient u het apparaat te verwijderen uit Apparaatbeheer en de computer opnieuw te installeren.
Code 24
Apparaat is niet aanwezig, werkt niet naar behoren of niet alle apparaatdrivers zijn geïnstalleerd.
Volg de aanwijzingen in het vak Apparaatstatus.
Als deze foutcode blijft verschijnen, controleert u of het apparaat goed op de computer is aangesloten. Controleer bijvoorbeeld of alle kabels goed zijn aangesloten en de adapterkaarten goed in de sleuven vastzitten.
Code 25
Dit probleem komt meestal alleen voor tijdens de eerste en tweede keer opstarten van het systeem, nadat met Windows Setup alle bestanden zijn gekopieerd. Als de code wordt herkend, is dan ook meestal sprake van een onvolledige installatie.
Volg de aanwijzingen in het vak Apparaatstatus. Voer zo nodig een systeemherstel uit.
Code 26
Het apparaat kon niet laden. Er kan een probleem zijn met de apparaatdriver of misschien zijn niet alle apparaatdrivers geïnstalleerd.
Volg de aanwijzingen in het vak Apparaatstatus.
Als dat niet werkt, gebruikt u Apparaatbeheer om het apparaat te verwijderen. Start de computer daarna opnieuw op.
Wek de driver bij als deze foutcode opnieuw verschijnt.
Code 27
Het gedeelte van het register met de mogelijke bronnen voor het apparaat, bevat geen geldige waarden. Het is bijvoorbeeld mogelijk dat het apparaat als configureerbaar is geregistreerd, terwijl de configuratie-informatie in het INF-bestand op 'hardwired' is ingesteld.
Als u deze foutcode wilt oplossen, gebruikt u Apparaatbeheer om het apparaat te verwijderen. Start de pc daarna opnieuw op.
Wek de driver bij als deze foutcode opnieuw verschijnt.
Code 28
Drivers zijn niet geïnstalleerd.
Volg de aanwijzingen in het vak Apparaatstatus. U kunt ook proberen het apparaat te verwijderen uit Apparaatbeheer en de computer opnieuw op te starten.
Als deze foutcode opnieuw verschijnt, dient u de meest recente drivers te verkrijgen van de pagina HP Drivers en downloads.
Foutcode
Foutomschrijving
Aanbevolen oplossing
Code 29
De apparaat-firmware biedt onvoldoende bronnen.
Werk de driver van het apparaat bij.
Als deze foutcode blijft optreden, is het apparaat wellicht niet compatibel met de gebruikte versie van Windows, vertoont de apparaathardware een storing of is de verbinding met het apparaat niet in orde.
Code 30
Een IRQ kan niet gedeeld worden.
Er zijn wellicht twee hardwareapparaten met dezelfde IRQ-jumperinstellingen. Werk de hardware bij naar Plug en Play-compatibele versies of corrigeer de jumperinstellingen.
Code 31
Windows kan de drivers voor dit apparaat niet laden.
Werk de driver van het apparaat bij.
Als deze foutcode blijft optreden, is het apparaat wellicht niet compatibel met de gebruikte versie van Windows, vertoont de apparaathardware een storing of is de verbinding met het apparaat niet in orde.
Code 32
Een driver (service) voor dit apparaat is uitgeschakeld.
Het starttype voor deze driver is uitgeschakeld in het register.
Verwijder het apparaat uit Apparaatbeheer en start de computer opnieuw op om het apparaat opnieuw te installeren en initialiseren.
Code 33
Windows kan niet bepalen welke bronnen vereist zijn.
Het apparaat is mogelijk niet compatibel met de gebruikte versie van Windows. Mogelijk moet u het apparaat vervangen door een Plug en Play-compatibel apparaat.
Code 34
Windows kan de configuratie-instellingen niet vaststellen voor een apparaat dat u probeert te installeren.
Als u deze foutcode wilt oplossen, klikt u op het tabblad Bronnen in de apparaateigenschappen om de instellingen handmatig in te stellen of vervangt u het apparaat door een apparaat dat compatibel is met Plug en Play.
Code 35
Het apparaat dat u wilt installeren kan niet correct worden geconfigureerd voor gebruik.
Code 36
De Interrupt request (IRQ) parameters van het apparaat moeten opnieuw worden geconfigureerd.
Raadpleeg de documentatie die bij de hardware werd meegeleverd en gebruik het BIOS-Setup-hulpprogramma om de IRQ-instellingen te wijzigen.
Code 37
Windows kan een apparaatdriver voor hardware niet initialiseren.
Verwijder het apparaat uit Apparaatbeheer en start de computer opnieuw op om het apparaat opnieuw te installeren en initialiseren.
Als deze foutcode opnieuw verschijnt, dient u de meest recente drivers te verkrijgen van de pagina HP Drivers en downloads.
Code 38
De driver kan niet worden geïnstalleerd omdat er reeds een exemplaar van de driver in het systeemgeheugen aanwezig is.
Verkrijg de meest recente drivers van de pagina HP Drivers en downloads en start de computer opnieuw op.
Code 39
Windows kan de driver voor een apparaat niet vinden.
Verwijder het apparaat uit Apparaatbeheer en start de computer opnieuw op om het apparaat opnieuw te installeren en initialiseren.
Als deze foutcode opnieuw verschijnt, dient u de meest recente drivers te verkrijgen van de pagina HP Drivers en downloads.
Code 40
Windows heef geen toegang tot een apparaat omdat de Services-sleutelgegevens incorrect zijn of niet in het register voorkomen.
Verwijder het apparaat uit Apparaatbeheer en start de computer opnieuw op om het apparaat opnieuw te installeren en initialiseren.
Voer een systeemherstel uit om het register te herstellen als de fout blijft optreden.
Code 41
Windows heeft de apparaatdriver voor deze hardware met succes geladen maar kan het hardware-apparaat niet vinden.
Volg de onderstaande stappen:
  1. Verwijder de apparaatnaam uit Apparaatbeheer en schakel de computer uit.
  2. Verwijder het apparaat uit de computer en sluit het opnieuw aan; controleer of de verbinding in orde is.
  3. Zet de computer aan.
Als deze foutcode zich blijft voordoen, controleer dan of het apparaat compatibel is met de gebruikte versie van Windows.
Code 42
De apparaatdriver kan niet worden geïnstalleerd omdat er reeds een exemplaar van het apparaat in het systeemgeheugen aanwezig is.
Start de computer opnieuw op.
Als de fout zich blijft voordoen, gebruik dan het tabblad voor probleemoplossing om dit probleem op te lossen. Als u twee apparaten van hetzelfde type en dezelfde fabrikant hebt, verwijder dan één apparaat van de computer.
Code 43
Een apparaatdriver functioneert niet goed.
Start de computer opnieuw op.
Als de fout zich blijft voordoen, gebruik dan het tabblad voor probleemoplossing om dit probleem op te lossen.
Code 44
Een apparaat is per ongeluk afgesloten.
Start de computer opnieuw op.
Als de fout zich blijft voordoen, gebruik dan het tabblad voor probleemoplossing om dit probleem op te lossen.
Code 45
Momenteel is dit hardware-apparaat niet aangesloten op de computer.
Deze foutcode vergt geen maatregelen.
Code 46
Het apparaat is niet toegankelijk omdat het besturingssysteem momenteel wordt afgesloten. Het apparaat werkt correct wanneer u de computer opnieuw opstart.
Deze foutcode vergt geen maatregelen.
Code 47
Het apparaat is toegankelijk omdat het is ingesteld op de veilige verwijderingsmodus, maar nog niet is verwijderd.
Koppel het apparaat los van de computer en sluit het daarna weer aan.
Start de computer opnieuw op om het apparaat opnieuw in te schakelen.
Code 48
De software voor dit apparaat is geblokkeerd omdat er problemen met Windows bekend zijn.
Werk de driver bij of vervang het apparaat door compatibele hardware.
Code 49
Windows kan een nieuw apparaat niet starten omdat de maximale registergrootte (Registry Size Limit) is overschreden.
Gebruik Apparaatbeheer om deze fout op te lossen door alle ongewenste of ongebruikte apparaten te verwijderen en de computer opnieuw op te starten. Voer zo nodig een systeemherstel uit om het register te herstellen.

hp-feedback-input-portlet

Acties
Bezig met laden...

hp-feedback-banner-portlet

Acties
Bezig met laden...

hp-country-locator-portlet

Acties
Bezig met laden...
Land/regio: Flag Nederland

hp-detect-load-my-device-portlet

Acties
Bezig met laden...