hp-support-head-portlet

Acties
Bezig met laden...
HP klantenondersteuning - kennisdatabase

hp-contact-secondary-navigation-portlet

Acties
Bezig met laden...

hp-share-print-widget-portlet

Acties
Bezig met laden...
  • Informatie
    Los problemen met Windows 10-updates op

    Los Windows 10 op of update problemen op een HP computer – Klik hier

hp-concentra-wrapper-portlet

Acties
Bezig met laden...

Knipperende lampjes op de HP Deskjet D4360, D4363 en D4368 printers

Inleiding

Patronen van knipperende lampjes geven specifieke problemen met het apparaat aan. In dit document wordt uitgelegd hoe het komt dat de lampjes op het bedieningspaneel knipperen en leest u wat u moet doen om dit probleem te verhelpen.
    Afbeelding : Lampjes op het bedieningspaneel
  1. Aan/uit-lampje
  2. Hervatten-lampje
  3. Statuslampje voor de printcartridge
  4. USB-indicatorlampjes
opmerking:
De indeling en de kleur van de lampjes en knoppen op het bedieningspaneel kunnen per model verschillen. De indeling en de kleur op het apparaat kunnen enigszins verschillen van de voorbeelden in dit document.

Knipperende lampjes

De informatie in dit document is opgebouwd uit tabellen met oplossingen voor elk patroon van knipperende lampjes. Er zijn misschien meerdere redenen waarom de lampjes knipperen. Eerst volgen de oplossingen voor de meest voorkomende problemen. Gebruik de volgende links om de informatie over het patroon van de knipperende lampjes op uw apparaat in dit document te bekijken.
Probleem
Het aan/uit-lampje knippert. Alle overige lampjes op het bedieningspaneel zijn uit.
Oplossing
Er is geen actie nodig.
Oorzaak
Het product bereidt zich voor op het afdrukken. Het aan/uit-lampje houdt op met knipperen zodra alle gegevens van de computer binnen zijn.
Probleem
Het aan/uit-lampje brandt en het hervatten-lampje knippert. Alle overige lampjes op het bedieningspaneel zijn uit.
Oplossing één
  1. Plaats papier in de invoerlade.
  2. Druk op de knop Hervatten ().
Oorzaak
Er bevindt zich geen papier meer in het apparaat.
Oplossing twee
Controleer of de foutmelding 'Papierstoring' op de computer wordt weergegeven. Het papier is in het product is vastgelopen. Verhelp de papierstoring en druk vervolgens op de knop Hervatten ().
Volg de stappen in de aangegeven volgorde om de papierstoring op te lossen.
Stap één: Al het losse papier verwijderen
Verwijder eventuele losse vellen papier uit de invoerlade.
  let op:
Verwijder op dit moment nog geen vastgelopen papier.
Stap twee: Verhelp de papierstoring via de achterkant van het apparaat
  1. Druk op de knop Hervatten () op het bedieningspaneel van het product. Als de papierstoring niet kan worden verholpen, volg dan de rest van de instructies.
  2. Druk op de aan/uit-knop () om het product uit te schakelen.
  3. Koppel het netsnoer los van de achterzijde van het apparaat.
  4. Verwijder de achterklep.
    Duw de hendel naar rechts en trek vervolgens de klep uit.
    Afbeelding : De achterklep verwijderen
  5. Trek het papier voorzichtig tussen de rollen vandaan.
      let op:
    Als het papier scheurt wanneer u het van de rollen verwijdert, controleer dan of er stukjes papier op de rollen of wieltjes in het apparaat zijn achtergebleven. Als er stukjes papier achterblijven, dan kan het papier later weer vastlopen.
Stap drie: De rollen reinigen
Verwijder de achterklep en reinig de papierinvoerrollers.
  1. Veeg de papierrollen schoon met een niet-pluizende doek die licht bevochtigd is met gedestilleerd water of flessenwater.
    Draai de rollen handmatig om ze rondom te reinigen.
    Afbeelding : De papierrollers reinigen
  2. Wacht totdat de rollers helemaal droog zijn.
  3. Plaats de achterklep terug.
    Duw de klep voorzichtig naar voren totdat deze op zijn plaats klikt.
    Afbeelding : De achterklep terugplaatsen
Stap vier: Open de bovenklep en verwijder het vastgelopen papier
  1. Open de bovenklep van het apparaat.
    Afbeelding : Open de bovenklep
  2. Trek het papier voorzichtig tussen de rollen vandaan.
  3. Sluit de bovenklep.
    Afbeelding : Sluit de bovenklep
  4. Sluit het netsnoer opnieuw op het apparaat aan.
  5. Druk op de aan/uit-knop () om het product in te schakelen.
Stap vijf: Plaats het papier opnieuw en test de printer
Zorg er nadat het vastgelopen papier is verwijderd voor dat het apparaat goed functioneert door papier bij te vullen en het apparaat te testen.
  1. Til de uitvoerlade omhoog.
    Afbeelding : Til de uitvoerlade omhoog
  2. Schuif de papierbreedtegeleider van de invoerlade naar links en leg een stapel gewoon wit papier in de invoerlade.
    Afbeelding : Pas de papiergeleider aan en plaats papier
  3. Schuif de papierbreedtegeleider naar rechts tot deze goed tegen de stapel papier aan zit.
  4. Laat de uitvoerlade zakken en trek het verlengstuk van de uitvoerlade naar voren.
    Afbeelding : Trek het verlengstuk van de lade eruit
  5. Druk een testpagina af.
    1. Houd de aan/uit-knop () ingedrukt.
    2. Terwijl u de aan/uit-knop () ingedrukt houdt, drukt u op de knop Annuleren () en vervolgens laat u beide knoppen los.
    3. Het apparaat drukt een testpagina af.
    • Als de pagina goed wordt afgedrukt, werkt het apparaat goed.
    • Als het papier opnieuw vastloopt, gaat u naar de volgende stap.
Stap zes: Laat de printer nakijken
Als u alle bovenstaande stappen hebt uitgevoerd, maar het probleem nog steeds niet is verholpen, laat het product dan nakijken.
Oplossing drie
Controleer of het printmechanisme is vastgelopen.
Stap één: Verwijder eventueel vastgelopen papier
Volg de onderstaande instructies om vastgelopen papier te verwijderen.
Verwijder vastgelopen papier via de achterkant van het apparaat
  1. Druk op de aan/uit-knop () om het product uit te schakelen.
  2. Koppel het netsnoer los van de achterzijde van het apparaat.
  3. Verwijder de achterklep.
    Duw de hendel naar rechts en trek vervolgens de klep uit.
    Afbeelding : De achterklep verwijderen
  4. Trek het papier voorzichtig tussen de rollen vandaan.
      let op:
    Als het papier scheurt wanneer u het van de rollers verwijdert, controleert u de rollers en wieltjes op gescheurde stukjes papier die in het apparaat kunnen zijn achtergebleven. Als er stukjes papier achterblijven, dan kan het papier later weer vastlopen.
  5. Plaats de achterklep terug.
    Duw de klep voorzichtig naar voren totdat deze op zijn plaats klikt.
    Afbeelding : De achterklep terugplaatsen
Open de bovenklep en verwijder het vastgelopen papier
  1. Open de bovenklep van het apparaat.
    Afbeelding : Open de bovenklep
  2. Trek het papier voorzichtig tussen de rollen vandaan.
  3. Sluit de bovenklep.
    Afbeelding : Sluit de bovenklep
  4. Sluit het netsnoer opnieuw op het apparaat aan.
  5. Druk op de aan/uit-knop () om het product in te schakelen.
  6. Probeer opnieuw een afdruk te maken om te zien of het probleem is opgelost.
    • Als het apparaat nog steeds niet naar behoren werkt, gaat u verder met de volgende stap.
    • Als het apparaat werkt, hoeft u niet door te gaan met de volgende stap.
Stap twee: Controleren of de wagen met cartridges vrij kan bewegen
  1. Zorg ervoor dat het apparaat is ingeschakeld. De aan/uit-knop () brandt als het product is ingeschakeld.
  2. Open de bovenklep. Het printmechanisme kan proberen zich naar het midden van de printer te verplaatsen. Indien dit het geval is, laat u de wagen met cartridges zich naar die positie verplaatsen.
    Afbeelding : Open de bovenklep
  3. Koppel het netsnoer zonder het apparaat uit te schakelen los van de achterkant van het apparaat.
      let op:
    Het netsnoer moet losgekoppeld zijn van het apparaat om onderdelen handmatig te kunnen verschuiven en het papierinvoermechanisme opnieuw te kunnen instellen. Als u het netsnoer niet loskoppelt, is het risico van elektrische schokken aanwezig.
  4. Haal het netsnoer uit het stopcontact.
  5. Zorg dat de printcartridges niet losgeraakt zijn.
  6. Controleer ook of er geen belemmeringen onder of rond het printmechanisme zijn die verhinderen dat het mechanisme zich kan verplaatsen.
  7. Controleer of het printmechanisme vrij kan bewegen over de gehele breedte van het apparaat door het printmechanisme voorzichtig naar links en vervolgens naar rechts te duwen. Verwijder eventuele blokkades.
  8. Sluit de kap van het product en sluit het netsnoer opnieuw aan op de achterkant van het product.
  9. Steek het netsnoer opnieuw in het stopcontact.
  10. Druk op de aan/uit-knop () om het product in te schakelen.
  11. Probeer opnieuw een afdruk te maken om te zien of het apparaat kan afdrukken.
    • Als het probleem niet is opgelost, gaat u verder met de volgende stap.
    • Als het probleem is opgelost, hoeft u niet door te gaan met de volgende stap.
Stap drie: Voer een gedeeltelijke reset uit
  1. Ontkoppel het netsnoer van de achterkant van het product en haal het papier uit de papierlade.
  2. Open de bovenklep.
  3. Schuif het printmechanisme helemaal naar rechts.
  4. Sluit de bovenklep.
  5. Sluit het netsnoer weer aan op de achterzijde van het apparaat.
  6. De printer zal lawaai maken wanneer deze opnieuw wordt opgestart. Wacht totdat deze geen lawaai meer maakt.
  7. Open de bovenklep. Het printmechanisme zou zich naar de normale positie moeten verplaatsen.
  8. Probeer opnieuw een afdruk te maken om te zien of het probleem is opgelost.
    • Als het apparaat nog steeds niet naar behoren werkt, gaat u verder met de volgende stap.
    • Als het apparaat werkt, hoeft u niet door te gaan met de volgende stap.
Stap vier: Zorg ervoor dat de printcartridges juist in de printer zijn geplaatst
Als de printcartridges niet goed zijn geplaatst of geïnstalleerd, kan het printmechanisme vastlopen.
  waarschuwing:
Houd nieuwe en gebruikte printcartridges buiten het bereik van kinderen.
  1. Druk op de aan/uit-knop () om het product in te schakelen.
  2. Open de bovenklep. De wagen gaat naar het midden van het apparaat.
  3. Druk op elke printcartridge en schuif deze uit het printmechanisme.
    Afbeelding : De cartridge verwijderen
    • De zwarte cartridge of fotocartridge hoort aan de rechterkant.
    • De drie-kleuren cartridge hoort links.
      let op:
    Raak de spuitmondjes of de koperen contactpunten van de printcartridge niet aan. Als u dit wel doet, kunnen de spuitmondjes verstopt raken en kunnen er problemen optreden met de inkt of de elektrische contacten.
Stap vijf: Plaats de printcartridges opnieuw
  1. Schuif elke printcartridge in het printmechanisme onder een opwaartse hoek en druk de cartridge omhoog en naar voren totdat deze op zijn plaats vast klikt.
    Afbeelding : De cartridge plaatsen
    • De zwarte cartridge of fotocartridge hoort aan de rechterkant.
    • De drie-kleuren cartridge hoort links.
  2. Sluit de bovenklep.
  3. Probeer opnieuw een afdruk te maken om te zien of het probleem is opgelost.
    • Als het apparaat nog steeds niet naar behoren werkt, gaat u verder met de volgende stap.
    • Als het apparaat werkt, hoeft u niet door te gaan met de volgende stap.
Stap zes: Laat de printer nakijken
Als u alle bovenstaande stappen hebt uitgevoerd, maar het probleem nog steeds niet is verholpen, laat het product dan nakijken.
Probleem
Het aan/uit-lampje en het Hervatten-lampje knipperen.
Oplossing
Start het apparaat opnieuw op.
  1. Druk op de aan/uit-knop () om het apparaat uit te schakelen en druk dan nog een keer op de aan/uit-knop () om het opnieuw in te schakelen.
    Als de lampjes blijven knipperen, ga dan verder met deze instructies. Als de lampjes niet meer knipperen en het lampje van de aan/uit-knop brandt, kunt u hier stoppen.
  2. Druk op de aan/uit-knop () om het product uit te schakelen.
  3. Haal het netsnoer uit het stopcontact.
  4. Steek het netsnoer opnieuw in het stopcontact.
  5. Druk op de aan/uit-knop () om het product in te schakelen.
Probleem
Eén of beide statuslampjes voor de printcartridges branden, maar knipperen niet.
Oplossing
Controleer of de inkt van de printcartridge bijna op is.
Bekijk de geschatte inktniveaus
Volg de onderstaande stappen om de inktniveaus te controleren:
opmerking:
De indicator van de inktniveaus is mogelijk onnauwkeurig voor cartridges, zoals nagevulde of hergebruikte cartridges, die in andere producten zijn gebruikt.
  1. Open HP Solution Center op een van de volgende manieren.
    • Windows Vista: klik op de taakbalk van Windows op het pictogram van Windows (),klik op Alle programma's wijs HP aan en klik vervolgens op HP Solution Center.
    • Windows XP: Klik op de taakbalk van Windows op Start, Alle programma's, wijs HP aan en klik vervolgens op HP Solution Center.
  2. Klik op Toolbox openen. Het dialoogvenster Printer Toolbox wordt geopend.
  3. Klik op het tabblad Geschat inktniveau.
    Afbeelding : Geschatte inktniveaus
    opmerking:
    Waarschuwingen en indicatorlampjes voor het inktniveau bieden uitsluitend schattingen die u ondersteunen bij het plannen. Wanneer u een waarschuwingsbericht voor een laag inktniveau krijgt, overweeg dan om een vervangende cartridge klaar te houden om eventuele afdrukvertragingen te vermijden. Vervang de printcartridges pas als de afdrukkwaliteit onacceptabel wordt.
  4. Als beide printcartridges nog voldoende inkt bevatten, drukt u op de Hervatten-knop ().
  5. Als het statuslampje voor de printcartridge blijft branden, schakelt u het apparaat uit en weer in.
Probleem
Eén of beide statuslampjes voor de intkcartridges branden en knipperen.
Oplossing
Er is wellicht een probleem met een of meer printcartridges. Voer de volgende stappen uit om dit probleem op te lossen en zorg dat de cartridges goed werken.
opmerking:
Als beide statuslampjes voor de printcartridges knipperen, voer de procedure dan uit voor beide cartridges.
Stap één: Bepaal welke cartridge voor problemen zorgt
  • Het linkerstatuslampje van de printcartridge knippert als het probleem bij de drie-kleuren printcartridge (aan de linkerkant van het printmechanisme) ligt.
  • Het rechterstatuslampje van de printcartridge knippert als het probleem bij de zwarte printcartridge of de fotocartridge (aan de rechterkant van het printmechanisme) ligt.
Stap twee: Reinig de elektrische contacten van de cartridge die voor problemen zorgt en in het printmechanisme met de hand
  1. Houd het volgende bij de hand:
    • Gedistilleerd water (kraanwater kan verontreinigingen bevatten die de printcartridge kunnen beschadigen)
    • Wattenstaafjes of ander zacht, pluisvrij materiaal dat niet aan de elektrische contacten blijft kleven
    • Een schoon vel papier
  2. Open de bovenklep van het product.
    Afbeelding : Open de bovenklep
  3. Wacht totdat de wagen naar de rechterzijde van de printer is verplaatst, niet meer beweegt en geen geluid meer maakt.
  4. Druk de printcartridge naar beneden en schuif deze uit het printmechanisme. Herhaal deze stap voor elke printcartridge.
    Afbeelding : De cartridge verwijderen
  5. Leg de printcartridges op een vel papier, met de koperen strips naar boven gericht.
      let op:
    Drie-kleuren en foto-printcartridges mogen niet langer dan 30 minuten buiten het apparaat gehouden worden.
  6. Bevochtig een wattenstaafje met gedistilleerd water en knijp erin om het overtollige water te verwijderen.
  7. Veeg de koperen contacten van de printcartridge voorzichtig schoon met het wattenstaafje.
      let op:
    Raak de spuitmondjes niet aan. Als u dit wel doet, kunnen de spuitmondjes verstopt raken en kunnen er problemen optreden met de inkt of de elektrische contacten.
      Afbeelding : Spuitmondjes en koperen contacten op de printcartridge
    1. Spuitmondjes (niet aanraken)
    2. Koperen contactpunten
  8. Herhaal dit proces voor beide printcartridges tot er geen stof- of inktresten meer zichtbaar zijn op het wattenstaafje.
  9. Bevochtig een wattenstaafje lichtjes met gedistilleerd water en knijp erin om het overtollige water te verwijderen.
  10. Gebruik het wattenstaafje om de elektrische contacten in het printmechanisme te reinigen, aan de binnenkant van het apparaat.
    Afbeelding : Contactpunten van wagen
  11. Laat de cartridges gedurende tien minuten liggen om het schoongemaakte gebied te laten drogen of gebruik een nieuw wattenstaafje om het te drogen.
  12. Schuif de printcartridge in een enigszins opwaartse hoek in de wagen totdat de cartridge op de plaats vastklikt.
    Afbeelding : De cartridge plaatsen
    • De drie-kleuren cartridge bevindt zich aan de linkerkant van het printmechanisme.
    • De zwarte printcartridge bevindt zich aan de rechterkant van het printmechanisme.
  13. Sluit de bovenklep van het apparaat.
    Afbeelding : Sluit de bovenklep
    • Als het statuslampje voor de printcartridge blijft knipperen, ga dan verder met de volgende stap.
    • Als het statuslampje voor de printcartridge is opgehouden met knipperen, dan is het probleem opgelost.
Stap drie: De problematische cartridge vervangen
  1. Zorg ervoor dat het apparaat is ingeschakeld. Druk zo nodig op de aan/uit-knop () om het product in te schakelen.
  2. Open de bovenklep van het product.
    Afbeelding : Open de bovenklep
  3. Wacht totdat de wagen naar de rechterzijde van de printer is verplaatst, niet meer beweegt en geen geluid meer maakt.
  4. Druk op de oude cartridge en schuif deze uit de wagen.
    Afbeelding : De cartridge verwijderen
    • Als u de driekleurencartridge vervangt, verwijdert u de cartridge uit de sleuf aan de linkerkant.
    • Als u de zwarte cartridge vervangt, verwijdert u de cartridge uit de sleuf aan de rechterkant.
  5. Haal de nieuwe cartridge uit de verpakking en trek aan het roze lipje om het beschermende plastic van de cartridge te verwijderen.
    Afbeelding : De beschermtape verwijderen
      let op:
    Raak de spuitmondjes of de koperen contactpunten op de cartridge niet aan. Het aanraken van de spuitmondjes kan leiden tot verstoppingen, problemen met de inkt en slechte elektrische verbindingen. Verwijder de koperen stroken niet. De koperen stroken zijn elektrische contacten die door het apparaat worden gebruikt.
    1. Spuitmondjes (niet aanraken)
    2. Koperen contacten (niet aanraken)
  6. Houd de cartridge zo vast dat de koperen stroken zich aan de onderzijde bevinden en naar de printer gericht zijn.
  7. Schuif de cartridge in een licht opwaartse hoek in de wagen totdat de cartridge vastklikt.
    Afbeelding : De cartridge plaatsen
    • De drie-kleuren cartridge bevindt zich aan de linkerkant van het printmechanisme.
    • De zwarte printcartridge bevindt zich aan de rechterkant van het printmechanisme.
  8. Sluit de bovenklep.
    Afbeelding : Sluit de bovenklep
Probleem
Het USB-verbindingslampje brandt en het waarschuwingslampje knippert.
Afbeelding : Verbindingslampje brandt en waarschuwingslampje knippert
Oplossing
Wijzig de instellingen op het apparaat met USB-aansluiting om afbeeldingen naar het apparaat over te brengen.
Oorzaak
De instellingen voor het overbrengen van afbeeldingen op de camera of op een ander apparaat met USB-aansluiting moeten aangepast worden.
Probleem
Het USB-verbindingslampje is uit; het waarschuwingslampje is aan, maar knippert niet.
Afbeelding : Het USB-waarschuwingslampje brandt
Oplossing
Verwijder het niet-ondersteunde apparaat.
Oorzaak
Het apparaat heeft een niet-ondersteund apparaat gedetecteerd.
Probleem
Het USB-verbindingslampje en het waarschuwingslampje knipperen allebei vijf seconden lang.
Afbeelding : USB-verbindingslampje en het waarschuwingslampje knipperen
Oplossing
Controleer de USB-verbinding.
Oorzaak
Het USB-apparaat is te vroeg verwijderd. Tijdens het afdrukken is de verbinding tussen het apparaat en de camera (of een ander apparaat) verbroken.

hp-feedback-input-portlet

Acties
Bezig met laden...

hp-feedback-banner-portlet

Acties
Bezig met laden...

hp-country-locator-portlet

Acties
Bezig met laden...
Land/regio: Flag Nederland

hp-detect-load-my-device-portlet

Acties
Bezig met laden...