solution Contentsolution Content

Kan een HP printer niet verbinden met Webservices

Webservices maakt geen verbinding met de server tijdens de installatie van de printer of registratie van Instant inkt, of wanneer deze handmatig wordt ingeschakeld vanaf het bedieningspaneel van de printer of de geïntegreerde webserver (EWS).

Ook kan een van de volgende foutmeldingen worden weergegeven:

  • Fout in serververbinding. Er was een probleem bij het verbinden met de server. Druk op Opnieuw of OK om af te sluiten.

  • Probleem met DNS/gateway. De printer kan geen verbinding maken met het netwerk.

  • Probleem met Webservices. Probleem met verbinding maken met Webservices-server.

  • Fout in serververbinding. Kan geen verbinding maken met Webservices. Bevestig internettoegang en probeer het opnieuw.

Voer de volgende taken uit in de aangegeven volgorde. Gebruik na elke taak de printer om te zien of het probleem is opgelost.

Bevestig dat uw printer Webservices ondersteunt

Controleren of uw printer Webservices ondersteunt.

  1. Controleren of de computer verbinding heeft met internet. Webservices ondersteunt geen printers die enkel via een USB-kabel zijn aangesloten.

  2. Bepaal of uw printer Webservices automatisch inschakelt tijdens de installatie van de printer.

    • Ga verder met deze stappen voor printers die vóór 2020 op de markt zijn gebracht.

    • Voor HP+ printers en printers die na 2020 zijn uitgebracht, wordt Webservices automatisch ingeschakeld tijdens de printerinstallatie na het inschakelen van cloud-afdrukservices, zoals Print Anywhere of Instant Inkt. Herstel de fabrieksinstellingen op uw HP printer om eventuele installatieproblemen op te lossen, en ga vervolgens naar 123.hp.com om uw printer in te stellen met de HP Smart app.

  3. Zoek op de printer of het bedieningspaneel naar het pictogram ePrint of Webservices. Voor printers met een aanraakscherm raakt u Instellingen ( of ) aan en zoekt u vervolgens een menu Webservices.

    • Als het pictogram of menu beschikbaar is, gaat u verder met deze stappen.

    • Als het pictogram of menu ontbreekt, ondersteunt de printer mogelijk geen Webservices. Ga naar Mobiele afdrukoplossingen om te zien of uw printer HP ePrint of Print Anywhere ondersteunt, wat aangeeft dat Webservices worden ondersteunt.

  4. Als u een van de volgende printers hebt, wordt Webservices niet meer ondersteund en kan het niet meer worden ingeschakeld op uw printer:

    • HP Color LaserJet Pro MFP M176, M476 printers

    • HP DesignJet Z2600, Z5200, Z5600 printers

    • HP DeskJet 3050A, 3070A, Ink Advantage 4620, 4640 printers

    • HP ENVY 100, 110 printers

    • HP HotSpot LaserJet Pro M1218 printers

    • HP LaserJet Pro 100 Color MFP M175 printers

    • HP LaserJet Pro 200, 300 Color M351, MFP M375 printers

    • HP LaserJet Pro 400 Color MFP M451, M475 printers

    • HP LaserJet Pro 400 M401, MFP M425 printers

    • HP LaserJet Pro CM1415, M1530 printers

    • HP OfficeJet 4610, 4620, 6100, Pro 3610, 3620, 8100 printers

    • HP Photosmart D110a, D110b, 5510, 6510, 7510, Ink Advantage K510 printers

    • HP Photosmart eStation C510 printers

    • HP Photosmart Plus B210, Premium C310, C410, Wireless B110 printers

    • HP TopShot LaserJet Pro M275 printers

    Ga voor meer informatie naar Webservices is niet meer beschikbaar voor bepaalde HP printers.

De printerfirmware bijwerken

HP brengt regelmatig nieuwe firmwareversies uit met printerverbeteringen of probleemoplossingen. Werk de firmware regelmatig bij zodat u optimaal gebruik kunt maken van uw printer.

Let op!:

Schakel de printer niet uit tijdens de firmware-update. Dit kan blijvende schade aan de printer veroorzaken.

  • Vanaf het bedieningspaneel van de printer (alleen netwerkprinters): Veel HP printers met een bedieningspaneelmenu kunnen updates rechtstreeks van HP installeren. De firmware bijwerken vanaf het bedieningspaneel verschilt per printermodel.

    Raak bijvoorbeeld het pictogram Instellingen aan, raak Printeronderhoud aan, raak Printer bijwerken aan en vervolgens Nu controleren. Alle nieuwe updates worden automatisch geïnstalleerd.

  • Met de app HP Smart: Klik in het beginscherm van de app op de afbeelding van uw printer en klik vervolgens op Geavanceerde instellingen. Klik in de EWS op de tegel Printerupdate of klik op Printerupdates onder Beheren, en klik vervolgens op Nu controleren. Alle nieuwe updates worden automatisch geïnstalleerd.

  • Vanaf de website van HP: Ga naar HP Downloads van software en drivers en volg de aanwijzingen om de downloadpagina voor uw printer te openen. Klik op Download naast alle updates die worden vermeld onder Firmware, en open en volg de prompts van HP Printer Update om de firmware bij te werken.

    Op Downloaden klikken in het gedeelte Firmware

Ga naar De firmware op een HP-printer bijwerken voor meer informatie.

Start de printer, router en de computer opnieuw op

Los eventuele foutberichten op door de met het netwerk verbonden apparaten opnieuw op te starten.

  1. Schakel de printer uit.

  2. Koppel alle USB- of Ethernet-kabels los die op de printer zijn aangesloten. Deze verbindingstypen kunnen ervoor zorgen dat de printer geen verbinding maakt met het draadloze netwerk.

  3. Koppel het netsnoer los van de Wi-Fi-router, wacht vijftien seconden, sluit het netsnoer weer aan en wacht totdat de lampjes een aangesloten status weergeven.

  4. Start de computer opnieuw op.

  5. Zet de printer aan.

De verbinding controleren

Zorg ervoor dat uw netwerk werkt en dat de printer is aangesloten.

Webservices inschakelen vanuit de EWS van de printer

Gebruik de HP Smart app of een internetbrowser om de geïntegreerde webserver (EWS) van de printer te openen en Webservices in te schakelen.

  1. Gebruik een van de volgende methoden om de geavanceerde instellingen voor uw printer te openen.

    • HP Smart-app: Klik op de afbeelding van uw printer om de instellingen en beheerhulpprogramma's te openen en klik vervolgens op Geavanceerde instellingen onder Instellingen.

    • EWS van de printer: Open de HP printer Embedded Web Server (EWS) met behulp van het IP-adres van de printer.

  2. Klik op de startpagina van de EWS op het tabblad Webservices.

  3. Als u wordt gevraagd om in te loggen of de pin van de printer in te voeren, voer dan admin als gebruikersnaam in (alleen HP LaserJets), voer de PIN van het printerlabel in en klik op Verzenden of OK. Dit label bevindt zich meestal in het cartridgegebied of de printerklep.

    Locatie van de PIN op het printerlabel
  4. Klik op Doorgaan of Inschakelen en volg de instructies om het in te schakelen.

    Opmerking:

    Als Afstemmen starten weergegeven op het tabblad Webservices, gebruikt uw printer een ander proces om Webservices in te schakelen en de printer met uw HP account te koppelen. Afhankelijk van uw printermodel gaat u naar het installatiedocument voor LaserJet Pro 3001-3008 (standaard), 3001e-3008e (HP+) of MFP 3101-3108 (standaard), 3101e-3108e (HP+) printers.

    Klikken op Doorgaan op het tabblad Webservices (de meeste HP printers)

    Klikken op doorgaan op het tabblad Webservices

    Klikken op Inschakelen op het tabblad Webservices (HP LaserJet printers)

    Klikken op Inschakelen op het tabblad Webservices

    Voor de meeste printers die vóór 2020 op de markt zijn gebracht, wordt na het inschakelen van Webservices automatisch een informatiepagina over ePrint en claimcode afgedrukt.

Een handmatige DNS-server voor uw printerverbinding gebruiken

Gebruik de HP Smart app of een internetbrowser om de geïntegreerde webserver (EWS) van de printer te openen en een handmatig DNS-adres toe te voegen om de responstijd van de DNS-server te verbeteren.

  1. Gebruik een van de volgende methoden om de geavanceerde instellingen voor uw printer te openen.

    • HP Smart-app: Klik op de afbeelding van uw printer om de instellingen en beheerhulpprogramma's te openen en klik vervolgens op Geavanceerde instellingen onder Instellingen.

    • EWS van de printer: Open de HP printer Embedded Web Server (EWS) met behulp van het IP-adres van de printer.

  2. Klik op de startpagina van de EWS op het tabblad Netwerk of Netwerken.

  3. Als u wordt gevraagd om in te loggen of de pin van de printer in te voeren, voer dan admin als gebruikersnaam in (alleen HP LaserJets), voer de PIN van het printerlabel in en klik op Verzenden of OK. Dit label bevindt zich meestal in het cartridgegebied of de printerklep.

    Locatie van de PIN op het printerlabel
  4. Open de DNS-serverinstellingen voor uw verbindingstype.

    • Voor de meeste HP printers selecteert u de IPv4-optie onder Draadloos (802.11) voor Wi-Fi-verbindingen of Bekabeld (802.3) voor Ethernet-verbindingen.

      IPv4-configuratie selecteren onder Draadloos
    • Klik voor HP LaserJet printers op Netwerkidentificatie onder Configuratie.

      IPv4-configuratie selecteren onder Netwerkoverzicht
  5. Voer de primaire en secundaire handmatige DNS-adressen in.

    • Selecteer voor de meeste HP printersHandmatige DNS-server onder DNS-adresconfiguratie, voer 1.1.1.1 in voor Handmatige voorkeurs-DNS-server en vervolgens 1.0.0.1 voor Handmatige alternatieve DNS-server.

      Op Handmatige DNS-server klikken en de twee DNS-serverwaarden invoeren
    • Voor HP LaserJet printers voert u 1.1.1.1 voor de primaire (IPv4) in en vervolgens 1.0.0.1 voor het secundaire (IPv4) in het DNS-gedeelte.

      De twee DNS-serverwaarden invoeren
  6. Klik op Toepassen om de wijzigingen op te slaan en start de printer vervolgens opnieuw op om de internetverbinding te herstellen.

  7. Nadat de printer opnieuw is opgestart, keert u terug naar de EWS-startpagina. Mogelijk moet u enkele minuten wachten tot de printer opnieuw verbinding met uw netwerk maakt voordat de EWS kan worden geopend.

  8. Klik op het tabblad Webservices, klik op Doorgaan of Inschakelen en volg de instructies om Webservices in te schakelen.

    • Als het inschakelen van Webservices is geslaagd, bent u klaar met de probleemoplossing.

    • Als het inschakelen van Webservices mislukt, gaat u verder met deze stappen.

  9. Herhaal de vorige stappen om de DNS-serveradressen te wijzigen naar 8.8.8.8 en 8.8.4.4 en klik vervolgens op Toepassen.

  10. Start de printer opnieuw op en schakel Webservices in vanuit de geïntegreerde webserver (EWS).

De proxyinstellingen voor internet controleren (Windows, macOS)

Stel vast of uw netwerk een proxyserver gebruikt en werk vervolgens de proxyinstellingen van Webservices bij via de geïntegreerde webserver (EWS) van de printer. Deze stappen werken niet voor mobiele apparaten.

  1. Open het netwerk menu.

    • Windows: Zoek naar Internetopties en open deze optie en klik vervolgens op het tabblad Verbindingen.

    • macOS: Open Systeemvoorkeuren of Systeeminstellingen en klik vervolgens op Netwerk.

  2. Selecteer uw netwerk in de lijst en open vervolgens de netwerkinstellingen.

    • Windows: Klik op Instellingen.

    • macOS: Klik op Details of Geavanceerd en klik vervolgens op het tabblad Proxy's.

  3. Controleer of er een proxyserver is ingeschakeld voor uw netwerk.

    • Als uw netwerk geen proxyserver gebruikt, is dit niet het probleem. Ga door met de probleemoplossing.

    • Als uw netwerk een proxyserver gebruikt, noteert u de waarden van het adres/de server en de poort en gaat u verder met deze stappen.

    Voorbeeld van een proxyserver in Windows (links) en macOS (rechts)

    Voorbeeld van de proxyinstellingen voor internet in Windows en macOS
  4. Gebruik een van de volgende methoden om de geavanceerde instellingen voor uw printer te openen.

    • HP Smart-app: Klik op de afbeelding van uw printer om de instellingen en beheerhulpprogramma's te openen en klik vervolgens op Geavanceerde instellingen onder Instellingen.

    • EWS van de printer: Open de HP printer Embedded Web Server (EWS) met behulp van het IP-adres van de printer.

  5. Klik op de startpagina van de EWS op het tabblad Webservices.

  6. Als u wordt gevraagd om in te loggen of de pin van de printer in te voeren, voer dan admin als gebruikersnaam in (alleen HP LaserJets), voer de PIN van het printerlabel in en klik op Verzenden of OK. Dit label bevindt zich meestal in het cartridgegebied of de printerklep.

    Locatie van de PIN op het printerlabel
  7. Klik onder Instellingen voor Webservices op Proxy-instellingen.

    Locatie van de proxyinstellingen voor de meeste HP printers (links) en HP LaserJet printers (rechts)

    Voorbeeld van klikken op Proxy-instellingen op het tabblad Webservices in de EWS
  8. Klik op Handmatig (indien nodig) en voer de waarden van de proxyserver en proxypoort in.

  9. Klik op Toepassen om de wijzigingen op te slaan.

  10. Start de printer opnieuw op om de internetverbinding te resetten. Het kan enkele minuten duren tot de printer opnieuw verbinding maakt met uw netwerk.

De routerfirmware bijwerken

Verouderde routerfirmware kan de prestaties nadelig beïnvloeden, beveiligingsproblemen veroorzaken of kan ertoe leiden dat de router geen toegang krijgt tot internet.

  1. Open uw webbrowser, typ het IP-adres voor uw routermerk in de adresbalk en druk vervolgens op Enter.

    Opmerking:

    Deze IP-adressen, namen en wachtwoorden worden uitsluitend verstrekt ter informatie en werken mogelijk niet voor alle routermodellen.

    IP-adressen, gebruikersnamen en wachtwoorden van router

    Merk router

    IP-adres

    Gebruikersnaam

    Wachtwoord

    3Com

    http://192.168.1.1

    admin

    geen wachtwoord vereist of admin

    Belkin

    http://192.168.2.1

    geen gebruikersnaam vereist of admin

    geen wachtwoord vereist

    D-Link

    http://192.168.0.1

    admin of user

    geen wachtwoord vereist of admin

    Linksys

    http://192.168.1.1

    admin, geen gebruikersnaam vereist of Comcast

    admin, geen wachtwoord vereist of 1234

    NETGEAR

    http://192.168.0.1

    admin

    password, 1234, of setup

  2. Voer op de startpagina van de router de gebruikersnaam en het wachtwoord in.

  3. Om de updatefunctie te zoeken, klikt u op het menu Beheer, Hulpprogramma's, Tools of Onderhoud, afhankelijk van wat er wordt weergegeven. Raadpleeg de documentatie die met uw router is geleverd of neem contact op met de fabrikant voor meer informatie.

De printer herstellen naar de fabrieksinstellingen

Herstel uw printer naar de fabrieksinstellingen met behulp van de HP Smart app of de internetbrowser om de geïntegreerde webserver (EWS) van de printer te openen. Door de fabrieksinstellingen te herstellen, kunt u problemen met de printerinstallatie, verbindingsproblemen en foutberichten oplossen.

  1. Gebruik een van de volgende methoden om de geavanceerde instellingen voor uw printer te openen.

    • HP Smart-app: Klik op de afbeelding van uw printer om de instellingen en beheerhulpprogramma's te openen en klik vervolgens op Geavanceerde instellingen onder Instellingen.

    • EWS van de printer: Open de HP printer Embedded Web Server (EWS) met behulp van het IP-adres van de printer.

  2. Klik de startpagina van de EWS op het tabblad Instellingen of op het tabblad Systeem.

  3. Als u wordt gevraagd om in te loggen of de pin van de printer in te voeren, voer dan admin als gebruikersnaam in (alleen HP LaserJets), voer de PIN van het printerlabel in en klik op Verzenden of OK. Dit label bevindt zich meestal in het cartridgegebied of de printerklep.

    Locatie van de PIN op het printerlabel
  4. De printer herstellen naar de fabrieksinstellingen.

    • Voor de meeste HP printers klikt u op Fabrieksinstellingen herstellen of Fabrieksinstellingen onder Standaardwaarden herstellen. Klik op Fabrieksinstellingen herstellen > Ja.

    • Klik voor HP LaserJet printers op Service en klik vervolgens op Standaardwaarden herstellen > OK.

    Na ongeveer 20 seconden start uw printer automatisch opnieuw op.

  5. Verbind de printer opnieuw met uw Wi-Fi-netwerk als dat nodig is.

  6. Op firmware-updates voor de printer controleren.

Voor meer informatie, ga naar Fabrieksinstellingen herstellen op uw HP printer.

Netwerkbeperkingen voor uw printer verwijderen

Als er een foutmelding verschijnt over de toegang tot Webservices bij het instellen van een nieuwe printer of nadat u de printer opnieuw hebt ingesteld, is het netwerkverkeer van de printer mogelijk geblokkeerd. Om veiligheidsredenen is het mogelijk dat uw router of internetprovider nieuwe apparaten blokkeert om toegang te krijgen tot het internet.

Zorg ervoor dat uw netwerkrouter en internetprovider (ISP) uw printer toegang tot internet geven.

Opmerking:

Dit zijn geavanceerde stappen en dienen te worden ingeschakeld door een gevorderde professional of met ondersteuning van uw internet- of routerfabrikant.

  1. Open Geavanceerde instellingen in HP Smart tikken.

  2. Stel op de netwerkpagina een handmatig IP-adres in en noteer het MAC-adres en IP-adres voor later gebruik.

  3. Meld u aan bij de configuratiepagina van uw router en zorg ervoor dat de printer niet wordt geblokkeerd door Ouderlijk toezicht, IP/MAC-adresfiltering of een beperking voor het aantal apparaten.

    Als uw router een toegankelijkheidsfunctie heeft om apparaattoegang (een witte lijst) toe te staan, voegt u uw printer toe aan de lijst.

  4. Als de problemen aanhouden, werkt u met uw internetprovider om te controleren of uw printer via internet kan communiceren via hun service.

De printer laten nakijken

Laat uw HP product nakijken of vervangen als het probleem zich blijft voordoen nadat alle voorgaande stappen zijn voltooid.

Ga naar Contact opnemen met HP Klantenondersteuning om een productenreparatie of -vervanging te plannen. Als u in Azië/het Pacifisch gebied bent, wordt u verwezen naar een lokaal servicecentrum in uw regio.

Ga naar HP Controle van de garantiestatus van apparaat om de garantiestatus te bevestigen. Als uw product geen garantie meer heeft, zijn er mogelijk reparatiekosten van toepassing.