hp-support-head-portlet

Acties
Bezig met laden...

Welkom bij HP Klantondersteuning

hp-contact-secondary-navigation-portlet

Acties
Bezig met laden...

hp-share-print-widget-portlet

Acties
Bezig met laden...
  • Informatie
    We zijn onze website aan 't upgraden

    Als u tijdens deze periode problemen ondervindt, probeer het dan later nogmaals. 

hp-concentra-wrapper-portlet

Acties
Bezig met laden...

HP LaserJet Pro MFP and Color LaserJet Pro MFP M476, M521, and M570 - Toegang tot het e-mailadresboek van het netwerk via LDAP configureren en het standaard-SMTP configureren

Inleiding
De LDAP-functie (Lightweight Directory Access Protocol) van de HP LaserJet Pro 500 color MFP M570 en de HP LaserJet Pro MFP M521 maakt gebruikt van LDAPv3, de nieuwste versie van LDAP, en biedt toegang tot een netwerkadresboek voor de functie Scannen naar e-mail.
  opmerking:
Voor compatibiliteit met de LDAP-functie moet het apparaat de juiste firmwareversie hebben.
  • HP LaserJet Pro 500 color MFP M570 – Firmware-datumcode 20131122 of nieuwer
  • HP LaserJet Pro MFP M521 – Firmware-datumcode 20131126 of nieuwer
In document wordt uitgelegd hoe u LDAP kunt gebruiken om het HP LaserJet Pro-product te verbinden met het e-mailadresboek van een netwerk en hoe u een standaard-SMTP kunt configureren voor e-mails die vanaf het product worden verzonden.
E-mailadres zoeken
Wanneer het HP LaserJet Pro-product LDAP gebruikt voor Scannen naar e-mail, wordt een database van e-mailadressen doorzocht. Wanneer de gebruiker het e-mailadres invoert en de knop Zoeken aanraakt, zoekt LDAP in een lijst met e-mailadressen naar overeenkomende tekens. De gebruiker kan de zoekresultaten verfijnen door extra tekens te typen en een nieuwe zoekopdracht uit te voeren.
De HP LaserJet Pro MFP's die de LDAP-functie ondersteunen, ondersteunen ook het gebruik van een standaardprofiel voor uitgaande e-mail, zodat geen verbinding met een LDAP-server vereist is om e-mail te verzenden.
Voordat u begint: noodzakelijke informatie om LDAP te configureren
Beheerders hebben de volgende informatie nodig voordat ze met het configuratieproces kunnen beginnen.
Instellingen voor netwerkcontacten:
  • Verificatievereisten voor de server
  • Pad om zoekopdracht te starten (BaseDN, zoekmap) (bijvoorbeeld o=mycompany.com)
  • Attributen voor het in overeenstemming brengen van de ingevoerde naam (bijvoorbeeld cn of samAccountName), het ophalen van het e-mailadres (bijvoorbeeld mail), en hoe de naam wordt weergegeven op het bedieningspaneel (bijvoorbeeld displayName)
Configuratie van standaard-SMTP:
  • SMTP-server (bijvoorbeeld smtp.mycompany.com)
  • SMTP-poort (bijvoorbeeld 25, 587, 465)
  • Vereisten voor beveiligde verbinding (bijvoorbeeld Altijd veilige verbinding gebruiken (SSL/TLS)).
  • Vereisten voor SMTP-serververificatie voor uitgaande e-mailberichten, inclusief de gebruikersnaam en het wachtwoord voor verificatie, indien van toepassing.
Netwerkcontacten instellen
Gebruik de pagina Instellingen voor netwerkcontacten van de geïntegreerde webserver van HP (Embedded Web Server, EWS) om toegang tot het netwerkadresboek in te schakelen.
Vanuit de pagina Instellingen voor netwerkcontacten kunt u het product configureren om e-mailadressen van een LDAP-server te verkrijgen, zodat deze beschikbaar zijn wanneer gebruikers een zoekopdracht uitvoeren vanuit het scherm Scannen naar e-mail.
Contactpersonen ophalen van een LDAP-server
  1. Open de EWS.
    1. Raak de knop Network (Netwerk) aan vanaf het beginscherm op het bedieningspaneel van het product om het IP-adres of de hostnaam weer te geven.
    2. Open een internetbrowser en voer in de adresregel het IP-adres of de hostnaam in zoals weergegeven op het bedieningspaneel van het apparaat. Druk op de toets Enter op het toetsenbord van de pc. De geïntegreerde webserver wordt geopend.
      Afbeelding : Voorbeeld van een IP-adres in een browservenster
  2. Klik op het tabblad Scannen.
  3. Klik in het linkerdeelvenster op Instellingen voor netwerkcontacten.
  4. Selecteer Netwerkcontacten inschakelen (LDAP-server gebruiken voor het zoeken van e-mail).
  5. Voer in het veld Adres LDAP-server de naam van de LDAP-server in (bijvoorbeeld ldap.mijnbedrijf.nl).
      opmerking:
    Als de LDAP-server niet bekend is, vraagt u de beheerder van de server welk netwerkadres en welke attribuutcodes u moet gebruiken.
  6. Als u een veilige verbinding (SSL) wilt gebruiken, selecteert u Altijd veilige verbinding gebruiken (SSL/TLS).
  7. Als de LDAP-server vraagt om verificatie, selecteert u het juiste verificatietype voor de LDAP-server in het gebied Verificatievereisten voor server. Afhankelijk van het type verificatie zijn enkele van de overige velden in dit gedeelte mogelijk niet beschikbaar omdat ze niet vereist zijn. Geef de gegevens op in de vereiste velden. Gebruik exact dezelfde namen als in de instellingen voor de LDAP-server.
      opmerking:
    Voor individuele gebruikers die zich aanmelden met Windows-aanmeldgegevens, kunt u de optie selecteren om deze gegevens te gebruiken voor de LDAP-serververificatie.
    Verificatievereisten
    Verificatietype
    Omschrijving
    Server vraagt niet om verificatie
    Geen
    De server heeft geen gebruikersgegevens nodig om toegang te krijgen tot de LDAP-database.
    Server vraagt om verificatie
    Gebruik gebruikersgegevens om verbinding te maken na aanmelding op het bedieningspaneel
    Maakt gebruik van de gegevens van de aangemelde gebruiker voor toegang tot de LDAP-database.
    Aanmeldgegevens voor Windows
    De server vraagt om gebruikersgegevens voor toegang tot de LDAP-database en versleutelt wachtwoorden en aanmeldgegevens die via het netwerk worden verzonden.
    Het veld Domein en de optie voor het gebruik van de MFP-gebruikersgegevens zijn ingeschakeld.
    Eenvoudige aanmeldgegevens
    De server vraagt om gebruikersgegevens voor toegang tot de LDAP-database, maar het wachtwoord wordt ongecodeerd over het netwerk verzonden.
    De velden voor de gebruikersnaam en het wachtwoord zijn ingeschakeld.
  8. Voer In het veld Pad om zoekactie te starten (BaseDN, zoekmap) het pad in om het zoeken in de database te beginnen (bijvoorbeeld o=mycompany.com).
  9. Voer in het veld De ingevoerde naam in overeenstemming brengen met dit attribuut de naam van een attribuut in (bijvoorbeeld cn of samAccountName).
  10. Het product gebruikt het attribuut 'mail' voor Attribuutnaam voor e-mailadres van de ontvanger. Als u deze instelling wilt wijzigen, voert u in het veld de naam in van een ander attribuut.
  11. Als u wilt controleren of het ophalen via LDAP juist is ingesteld, typt u ten minste drie tekens van de naam van een netwerkcontact in het veld Testen en klikt u vervolgens op de knop Testen. Als de test geslaagd is, wordt een lijst met mogelijke adressen weergegeven.
  12. Klik op de knop Toepassen om de instellingen op te slaan. De installatie is nu voltooid.
    Zie Standaard-SMTP configureren voor Scannen naar e-mail voor meer informatie over de configuratie.
Standaard-SMTP configureren voor Scannen naar e-mail
De standaardconfiguratie voor SMTP wordt gebruikt wanneer een geverifieerde netwerkgebruiker de functie Scannen naar e-mail gebruikt. De beheerder kan de instellingen configureren, zodat het e-mailadres van de aangemelde gebruiker automatisch wordt ingevuld in het veld Van. Daarnaast kan de beheerder indien gewenst ervoor kiezen om in het veld Aan automatisch het e-mailadres van de aangemelde netwerkgebruiker in te laten vullen.
Gebruik de pagina Standaardconfiguratie voor SMTP van de geïntegreerde webserver van HP (Embedded Web Server, EWS) voor het configureren van de standaardinstellingen voor SMTP.
Open de pagina Standaardconfiguratie voor SMTP via de EWS:
  1. Open de EWS.
    1. Raak de knop Network (Netwerk) aan vanaf het beginscherm op het bedieningspaneel van het product om het IP-adres of de hostnaam weer te geven.
    2. Open een internetbrowser en voer in de adresregel het IP-adres of de hostnaam in zoals weergegeven op het bedieningspaneel van het apparaat. Druk op de toets Enter op het toetsenbord van de pc. De geïntegreerde webserver wordt geopend.
      Afbeelding : Voorbeeld van een IP-adres in een browservenster
  2. Klik op het tabblad Scannen.
  3. Klik in het linkerdeelvenster op Standaardconfiguratie voor SMTP.
  4. Als u profielen voor uitgaande e-mail wilt uitschakelen, selecteert u Standaard-SMTP-server inschakelen.
  5. Voer in het veld Adres SMTP-server het adres van de SMTP-server in (bijvoorbeeld mijnbedrijf.nl).
  6. Voer in het veld SMTP-poort de SMTP-poort in (bijvoorbeeld 25, 587 of 465).
      opmerking:
    In de meeste gevallen hoeven de standaardinstellingen niet te worden gewijzigd.
  7. Selecteer indien nodig Altijd veilige verbinding gebruiken (SSL/TLS).
      opmerking:
    Als u Google™ Gmail als e-mailservice gebruikt, selecteert u Altijd veilige verbinding gebruiken (SSL/TLS).
  8. Configureer indien nodig de SMTP-gebruikersnaam en het wachtwoord in het gebied SMTP-verificatie.
    1. Selecteer SMTP-server vereist verificatie voor uitgaande e-mailberichten.
    2. Voer in het veld SMTP-gebruikersnaam de gebruikersnaam in.
    3. Voer in het veld SMTP-wachtwoord het wachtwoord in.
      opmerking:
    Als u niet zeker bent van de SMTP-gebruikersnaam en het wachtwoord, neemt u contact op met uw IT-afdeling, internetserviceprovider of e-mailserviceprovider.
  9. Optioneel: Stel de maximale grootte van e-mailbijlagen in. Selecteer in de vervolgkeuzelijst Maximale grootte voor bijlagen bij e-mailberichten de gewenste maximale bestandsgrootte.
  10. Stel het standaardadres in dat wordt weergegeven in het veld Van van de uitgaande e-mail. Kies een van de volgende opties:
    • Standaard Van – Typ het Van-adres in het veld Standaard Van (bijvoorbeeld LaserJet MFP@Verdieping2 of LaserJet MFP@Mijnbedrijf). Typ de weergavenaam in het veld Standaardweergavenaam
        opmerking:
      Standaardweergavenaam is een optionele instelling. Als de weergavenaam is ingesteld, wordt deze weergegeven op het bedieningspaneel in plaats van het Van-adres.
    • Gebruikersadres (aanmelden vereist) – Het e-mailadres van de aangemelde gebruiker wordt weergegeven in het veld Van van de uitgaande e-mail.
  11. De standaardinstelling van het product voor het veld Aan in de uitgaande e-mail is dat dit veld door de gebruiker kan worden aangepast. Als u de instelling wilt wijzigen, zodat de uitgaande e-mail alleen kan worden verzonden aan de aangemelde gebruiker, selecteert u Gebruikersadres (aanmelden vereist) in de vervolgkeuzelijst Aan en schakelt u het selectievakje Door gebruiker aan te passen uit.
  12. Als u de SMTP-instellingen wilt testen, typt u een geldig e-mailadres in het veld Test-e-mail verzenden naar en klikt u op de knop Opslaan en testen. Als de test succesvol is, wordt een bericht De test is uitgevoerd weergegeven en er wordt een e-mail verzonden naar het opgegeven e-mailadres.
    Klik op de knop OK om terug te keren naar de pagina Standaardconfiguratie voor SMTP.
  13. Als u e-mailadressen wilt toevoegen aan het adresboek van het product, klikt u op Adresboek voor e-mail in het linkerdeelvenster en voert u vervolgens de nodige informatie in. U kunt individuele e-mailadressen of e-mailgroepen instellen.
  14. Als u de standaardopties wilt configureren, klikt u op E-mailopties in het linkerdeelvenster en voert u de informatie in die u standaard wilt gebruiken voor het e-mailonderwerp, de hoofdtekst en andere scaninstellingen.

hp-feedback-input-portlet

Acties
Bezig met laden...

hp-online-communities-portlet

Acties
Bezig met laden...

Vraag het de community!


Ondersteuningsforum

Ondersteuningsforum

Praat mee! Vind oplossingen, stel vragen en deel advies met andere eigenaars van HP-producten. Nu bezoeken


hp-feedback-banner-portlet

Acties
Bezig met laden...

hp-country-locator-portlet

Acties
Bezig met laden...
Land: Flag België

hp-detect-load-my-device-portlet

Acties
Bezig met laden...