hp-support-head-portlet

Acties
Bezig met laden...
HP klantenondersteuning - kennisdatabase

hp-contact-secondary-navigation-portlet

Acties
Bezig met laden...

hp-share-print-widget-portlet

Acties
Bezig met laden...

hp-concentra-wrapper-portlet

Acties
Bezig met laden...

HP Printers en faxapparaten - Faxfoutcodes en oplossingen

Dit document heeft betrekking op HP multifunctionele printers met fax en HP faxapparaten.
Als een foutbericht of een numerieke foutcode wordt weergegeven op de printer of in een faxlograpport, zoek dan de fout in de volgende tabellen voor oorzaken en oplossingen.
opmerking:
Als de fout telkens optreedt wanneer een fax wordt verzonden of ontvangen, gaat u naar Faxproblemen oplossen voor meer informatie over het oplossen van dit probleem.

Numerieke foutcodes bij het ontvangen van faxen (200-292)

Bekijk foutcodes die worden weergegeven wanneer u probeert een fax te ontvangen. Een foutcode kan meerdere oorzaken en oplossingen hebben.
Foutcode
Definities/oorzaken
Oplossingen
200
De faxsessie is zonder fouten voltooid.
Geen actie vereist
221
De gebruiker heeft de knop Stop ingedrukt, waardoor de faxsessie voortijdig is beëindigd.
Neem contact op met de verzender en laat de fax opnieuw verzenden.
222
Het lokale apparaat heeft een gesprek beantwoord, maar kon geen aanwezigheid van een faxapparaat aan de andere kant detecteren. Gewoonlijk komt dit doordat het lokale faxapparaat een telefoongesprek beantwoordde.
Bevestig dat de inkomende oproep er een van een fax is en niet van een telefoon.
De gebruiker aan de andere kant heeft de faxoverdracht geannuleerd door te drukken op de knop Stop net voordat of terwijl het lokale apparaat het gesprek beantwoordde.
Als het andere apparaat het gesprek beëindigt terwijl het lokale apparaat net begint met de ontvangst, verminder dan het aantal keren rinkelen voordat het lokale apparaat antwoordt in de instellingen van het lokale apparaat. Of stel voor dat de zender het document handmatig faxt.
Het ontvangende faxapparaat is een ouder stil apparaat. Schakel de optie Stiltedetectie in de Faxinstellingen in.
Controleer of de zender niet per ongeluk bij het lokale apparaat vraagt om ontvangst van een document, in plaats van verzending naar het lokale apparaat.
Het andere apparaat heeft het gesprek automatisch beëindigd net voordat of terwijl het lokale apparaat het gesprek beantwoordde.
Selecteer een lagere ontvangstsnelheid.
Het andere faxapparaat (het apparaat dat de oproep doet) heeft bepaald dat er een incompatibiliteit in functies bestond tussen de twee apparaten. Het andere apparaat heeft de verbinding meteen voor het verzenden van meerdere faxtonen of T.30-frames verbroken. Deze situatie treedt zelden op.
Pas het lokale faxapparaat aan zodat verschillende configuratie-instellingen worden gebruikt, schakel de ECM-instelling in of uit.
223 ECM
224
Het lokale apparaat kan geen volledige pagina ontvangen, zelfs niet na diverse pogingen om delen van de pagina die fouten bevat te ontvangen. Deze situatie wordt gewoonlijk veroorzaakt door een bijzonder slechte verbinding.
  • Probeer de fax opnieuw te ontvangen wanneer de telefoonverbinding beter is.
  • Schakel ECM (de foutcorrectiemodus) uit. Er kunnen nog steeds fouten optreden die leiden tot een slechtere weergavekwaliteit op de ontvangen pagina. De mogelijkheid om het volledige document te ontvangen verbetert echter.
  • Selecteer een lagere ontvangstsnelheid.
225
Het andere apparaat heeft geprobeerd een diagnostische sessie op afstand te initiëren met dit apparaat, ook al is diagnostische toegang op afstand lokaal uitgeschakeld.
Schakel, indien beschikbaar, de functie voor diagnostiek op afstand in op het lokale apparaat. Neem anders contact op met de zender om het faxnummer te laten verwijderen uit de diagnostische controle.
226
Het andere apparaat heeft geprobeerd een diagnostische sessie op afstand te beginnen met dit apparaat. De versies van de diagnostiek op afstand die worden ondersteund door de twee apparaten zijn echter niet compatibel.
Diagnostiek op afstand is niet mogelijk tussen apparaten met incompatibele versies. Vraag de zender om het faxnummer te verwijderen uit de diagnostische controle.
227
Het andere apparaat heeft geprobeerd een faxsessie te initiëren met een snelheid en modulatie die niet worden ondersteund door het lokale apparaat.
Vraag de zender welke snelheid het faxapparaat gebruikt voor het verzenden en configureer het lokale apparaat vervolgens, indien mogelijk, zodat het op deze snelheid kan ontvangen. Laat anders de zender het andere apparaat opnieuw configureren zodat het op een compatibele snelheid verzendt.
228
Het andere apparaat heeft geprobeerd een navraagoverdracht te initiëren van het lokale apparaat, terwijl het lokale apparaat niet is geconfigureerd voor navraagoverdracht.
  • Controleer of de andere gebruiker een navraagoverdracht wil beginnen. Het is mogelijk dat de gebruiker onopzettelijk een poging tot navraag heeft gedaan. In dit geval vraagt u de zender nogmaals een normale overdracht te proberen uit te voeren vanaf het andere apparaat.
  • Als u navraag op afstand wilt toestaan, controleert u of u het lokale apparaat goed hebt geconfigureerd voor navraagoverdracht.
229
Het andere apparaat heeft geprobeerd een beveiligde navraagoverdracht te initiëren vanaf het lokale apparaat, maar heeft geen geldig wachtwoord opgegeven.
Controleer of de gebruiker op afstand het juiste wachtwoord heeft en of het lokale apparaat met hetzelfde wachtwoord is geconfigureerd, als deze optie beschikbaar is.
230
Het andere apparaat heeft geprobeerd een bewerking te initiëren waarbij foutcorrectie vereist is, maar heeft voor de sessie geen foutcorrectie geselecteerd.
Schakel ECM op zowel het lokale apparaat als het apparaat op afstand in.
231
Het andere apparaat heeft geprobeerd een overdracht naar het lokale apparaat te initiëren terwijl op het lokale apparaat de ontvangstmogelijkheid is uitgeschakeld.
Controleer of het papier goed is geplaatst, of er geen papier is vastgelopen in het apparaat en of eventuele andere systeemfouten zijn opgelost.
232
233
234
235 ECM
236 ECM
237
Er is een communicatiefout opgetreden tussen beide apparaten.
Als de fout aanhoudt en er wordt foutcorrectie gebruikt voor de faxsessie, schakel de foutcorrectiemodus dan uit. De faxkwaliteit kan erdoor verslechteren.
De gebruiker van het andere apparaat heeft wellicht op de Stop-knop gedrukt.
Stel het hostapparaat zodanig in dat het met een lagere snelheid ontvangt.
Deze fout wordt veroorzaakt door de wachtfunctie voor gesprekken. De klik die bij binnenkomende gesprekken is te horen, geeft aan dat de lijn tijdelijk wordt verbroken. Gebruik niet de wachtfunctie voor gesprekken op een lijn met een faxapparaat.
Probeer de fax opnieuw te ontvangen wanneer de telefoonverbinding beter is. Als de verbinding slecht blijft, neemt u contact op met het telefoonbedrijf. Deze fouten kunnen optreden wanneer de telefoonlijnen in het gebied waar u wilt faxen oud zijn of er ruis (storing op de telefoonlijn) aanwezig is. Andere oorzaken zijn tijdelijke stroomuitval en andere problemen met de stroomtoevoer.
Er is een stroomstoring opgetreden bij het andere apparaat of de stroom is met opzet uitgeschakeld, waardoor de faxsessie is onderbroken.
Probeer de fax opnieuw te ontvangen wanneer de telefoonverbinding beter is. Als de verbinding slecht blijft, neemt u contact op met het telefoonbedrijf. Deze fouten kunnen optreden wanneer de telefoonlijnen in het gebied waar u wilt faxen oud zijn of er ruis (storing op de telefoonlijn) aanwezig is. Andere oorzaken zijn tijdelijke stroomuitval en andere problemen met de stroomtoevoer.
Foutcode
Definities/oorzaken
Oplossingen
238
239 ECM
240 ECM
241 ECM
Het verzendende faxapparaat heeft een onverwachte communicatie verzonden. Dit wijst meestal op een defect in het andere verzendende apparaat.
  • Als ECM ingeschakeld is, schakelt u deze modus uit.
  • Laat de zender verzenden vanaf een ander faxapparaat om te zien of de fout wordt opgelost.
242
Het andere faxapparaat probeert te ontvangen in plaats van te verzenden. Beide apparaten hebben geprobeerd tegelijkertijd een ontvangst te starten. Op veel faxapparaten is het mogelijk om per ongeluk een faxontvangst te starten in de volgende gevallen:
  • Er ligt geen papier in het apparaat.
  • Het papier is niet goed geplaatst en de documentsensor kan het niet herkennen.
Neem contact op met de zender om ervoor te zorgen dat een document gereed is en goed geplaatst is in het verzendende faxapparaat. Zorg er ook voor dat het andere apparaat een overdracht probeert te starten en geen ontvangst.
243
244
De gebruiker van het andere apparaat heeft op de knop Stop gedrukt, waardoor de sessie voortijdig is beëindigd.
  • Controleer of het andere apparaat opvragen kan accepteren en gebruiken.
  • Selecteer een lagere ontvangstsnelheid.
Het andere faxapparaat heeft een functie-incompatibiliteit vastgesteld tussen beide apparaten en heeft de sessie beëindigd. Dit kan bijvoorbeeld gebeuren wanneer het lokale apparaat een navraag wil initiëren, maar het andere apparaat deze functie niet ondersteunt.
Pas het lokale faxapparaat aan zodat verschillende configuratie-instellingen worden gebruikt, schakel de ECM-instelling in of uit.
245 ECM
246 ECM
De gebruiker van het andere apparaat heeft op de knop Stop gedrukt, waardoor de sessie voortijdig is beëindigd.
  • Als het een groot document is, vraagt u aan de gebruiker op afstand om het document opnieuw te verzenden als twee of meer kleinere documenten.
  • Laat de zender verzenden met een lagere resolutie.
Deze fout wordt veroorzaakt door de wachtfunctie voor gesprekken. De klik die bij binnenkomende gesprekken is te horen, geeft aan dat de lijn tijdelijk wordt verbroken.
Schakel ECM uit, en probeer vervolgens om de fax opnieuw te ontvangen.
Het lokale apparaat heeft het andere apparaat afgehouden gedurende de ontvangst van een groot of complex document wegens onvoldoende beschikbaar geheugen. Deze houdtijd heeft de time-out (meestal 60 seconden) van het andere apparaat overschreden en het andere apparaat heeft de sessie beëindigd.
Schakel ECM uit en probeer vervolgens om de fax opnieuw te ontvangen.
247
248
249 ECM
250 ECM
251 ECM
Het andere apparaat is vergrendeld.
  • Vraag de gebruiker van het andere apparaat om het apparaat te resetten.
  • Stel het lokale apparaat zodanig in dat het met een lagere overdrachtssnelheid ontvangt.
  • Schakel het verzendende en het ontvangende apparaat gedurende tien seconden uit, schakel ze weer in en probeer opnieuw te verzenden.
  • Als andere faxen goed kunnen worden verzonden naar of ontvangen van andere apparaten, maar niet met dit bepaalde apparaat op afstand, is er waarschijnlijk een probleem met dit laatste apparaat.
252
De conditie van de telefoonlijn is te slecht om een fax te kunnen ontvangen.
  • Probeer de fax opnieuw te ontvangen wanneer de verbinding mogelijk beter is.
  • Configureer het apparaat om met een lagere snelheid te ontvangen.
  • Als het lokale apparaat een aantal pagina's van een groter document goed heeft ontvangen, vraagt u de gebruiker op afstand om het document in kleinere gedeelten te verzenden.
253
Het andere apparaat heeft geprobeerd een paginaoverdracht te initiëren met een paginabreedte die niet wordt ondersteund door het lokale apparaat.
Vraag de gebruiker op afstand om het faxapparaat op afstand opnieuw te configureren voor gebruik van een normale paginabreedte (kwarto of A4).
281
282 ECM
283
284
285 ECM
286
290
De telefoonverbinding viel uit of werd verbroken.
  • Probeer de overdracht opnieuw.
  • Als de fout aanhoudt en er wordt foutcorrectie gebruikt voor de faxsessie, schakel de foutcorrectiemodus dan uit.
  • Stel het hostapparaat zodanig in dat het met een lagere snelheid ontvangt.
Er is een communicatiefout opgetreden met het verzendende faxapparaat.
Probeer de fax opnieuw te ontvangen wanneer de telefoonverbinding beter is. Als de verbinding slecht blijft, neemt u contact op met het telefoonbedrijf.
291
292
De ontvangen fax kan niet worden opgeslagen.
  • Noteer het nummer en eventuele faxinformatie van het andere apparaat. Schakel de stroom van het apparaat gedurende tien seconden uit en dan weer in. Vraag de gebruiker van het andere apparaat om de fax opnieuw te verzenden.
  • Vraag de gebruiker van het andere apparaat een fax te verzenden met een lagere resolutie.
  • Als het nog steeds mislukt, probeert u een fax van een ander apparaat te ontvangen.
  • Als het lokale apparaat deze foutcode blijft geven voor verschillende faxnummers, heeft het probleem waarschijnlijk te maken met de hardware en moet het apparaat worden vervangen of nagekeken.

Numerieke foutcodes bij het verzenden van faxen (300-444)

Bekijk foutcodes die worden weergegeven wanneer u probeert een fax te verzenden. Een foutcode kan meerdere oorzaken en oplossingen hebben.
Foutcode
Definities/oorzaken
Oplossingen
300
De faxsessie is zonder fouten voltooid.
Geen actie vereist.
311
De gebruiker van het lokale apparaat heeft op de knop Stop gedrukt, waardoor de sessie voortijdig is beëindigd voordat alle pagina's zijn verzonden.
Probeer de fax opnieuw te verzenden.
312
Een ander faxapparaat heeft het gesprek niet beantwoord. Faxtonen of de faxverbindingsbevestiging van een ander apparaat zijn niet gedetecteerd. Dit heeft meestal een van de volgende oorzaken:
  • De gebruiker heeft het verkeerde nummer gekozen.
  • De gebruiker heeft het juiste nummer gekozen, maar het apparaat was ingesteld op niet-antwoorden.
  • Het andere apparaat heeft antwoorden tijdelijk uitgeschakeld omwille van bijvoorbeeld vastgelopen papier of geen papier in het apparaat.
Controleer of het andere faxapparaat gereed is om een document te ontvangen en probeer de fax dan opnieuw te verzenden.
313
Telkens wanneer het lokale apparaat het andere apparaat probeert te bellen, wordt een in-gesprek-signaal gedetecteerd.
Probeer de faxoverdracht opnieuw wanneer de lijn niet langer bezet is.
314
Het lokale apparaat heeft geprobeerd een diagnostische sessie op afstand te initiëren, maar heeft ontdekt dat diagnostiek op afstand is uitgeschakeld op het andere apparaat.
Schakel diagnostiek op afstand in op het andere apparaat (indien beschikbaar).
315
Het lokale apparaat heeft geprobeerd een diagnostische sessie op afstand te initiëren, maar heeft ontdekt dat de versie voor diagnostiek die door het andere apparaat wordt ondersteund, incompatibel is.
Er is geen oplossing beschikbaar. Diagnostiek op afstand is niet mogelijk tussen apparaten met incompatibele versies.
316
Het lokale apparaat is ingesteld voor het initiëren van documentoverdracht, maar heeft gedetecteerd dat het andere apparaat geen document kan ontvangen. Deze fout is zeer zeldzaam, aangezien een apparaat op afstand meestal niet antwoordt wanneer het geen document kan ontvangen. Een van de weinige uitzonderingen hierop is wanneer het andere apparaat is geconfigureerd voor het navragen van documentoverdracht, maar niet kan ontvangen.
Configureer het andere apparaat voor ontvangst. De gebruiker op afstand moet controleren of er papier in het apparaat zit, of er geen papierstoringen zijn en of eventuele andere foutberichten zijn opgelost.
317
Het andere apparaat kan geen faxontvangst ondersteunen op enige snelheid of modulatie die wordt ondersteund door het lokale apparaat.
Er is geen oplossing beschikbaar omdat de twee apparaten incompatibel zijn.
318
Het andere apparaat kan geen faxontvangst ondersteunen met de paginabreedte die door het lokale apparaat is geselecteerd.
Verhoog of verlaag de instelling voor het papierformaat op het lokale apparaat tot een instelling die wordt ondersteund door het andere apparaat.
319
Het lokale apparaat heeft geprobeerd een binaire bestandsoverdracht (Binary File Transfer. BFT) te initiëren, maar heeft ontdekt dat het andere apparaat deze functie niet ondersteunt.
  • Schakel de BFT-functie op het andere apparaat in, als die wordt ondersteund.
  • Verzend het document opnieuw als een normale fax in plaats van als BFT-overdracht.
320
Het lokale apparaat is ingesteld voor het initiëren van een navraagontvangst met een ander apparaat, maar heeft gedetecteerd dat het andere apparaat hiervoor niet is geconfigureerd. De navraagontvangst van het andere apparaat wordt normaal gesproken bij elke faxsessie geconfigureerd.
  • Controleer of de gebruiker van het lokale apparaat werkelijk een navraagontvangst wil uitvoeren. Is dit niet het geval, configureer dan het lokale apparaat voor een normale faxoverdracht.
  • Configureer het andere apparaat voor navraagoverdracht. De gebruiker op afstand moet een document plaatsen voor overdracht en vervolgens het apparaat configureren voor navraag.
321
322
323
324
Er is een communicatiefout opgetreden bij het ontvangende faxapparaat wegens een slechte telefoonverbinding.
  • Stel het ontvangende apparaat zodanig in dat het met een lagere snelheid ontvangt.
  • Als de sessie mislukt na de overdracht van een aantal pagina's van een groot document, verzendt u het document opnieuw als een aantal kleinere documenten.
  • Probeer de fax opnieuw te ontvangen wanneer de telefoonverbinding beter is. Als de verbinding slecht blijft, neemt u contact op met het telefoonbedrijf.
Foutcode
Definities/oorzaken
Oplossingen
325 ECM
326 ECM
327 ECM
328 ECM
De telefoonverbinding is erg slecht.
  • Probeer de fax opnieuw te ontvangen wanneer de telefoonverbinding beter is. Als de verbinding slecht blijft, neemt u contact op met het telefoonbedrijf.
  • Schakel ECM (de foutcorrectiemodus) uit. Er kunnen nog steeds fouten optreden die leiden tot een slechtere weergavekwaliteit op de ontvangen pagina. De mogelijkheid om het volledige document te verzenden verbetert echter.
329
330
331
Het andere apparaat heeft gemeld dat een of meer pagina's zijn ontvangen (niet in de foutcorrectiemodus (ECM)) met ernstige fouten. Door deze fout wordt de sessie niet direct beëindigd. Het is nog steeds mogelijk dat andere pagina's worden verzonden en dat latere pagina's foutloos worden ontvangen.
  • Probeer de fax opnieuw te ontvangen wanneer de telefoonverbinding beter is. Als de verbinding slecht blijft, neemt u contact op met het telefoonbedrijf.
  • Schakel ECM in.
  • Selecteer een lagere snelheid voor de aanvankelijke overdracht.
332
333
334
335
336
337
338 ECM
339 ECM
340 ECM
341 ECM
342 ECM
343
Het andere apparaat kan defect zijn.
  • Probeer dit te controleren door dezelfde fax naar andere faxapparaten te verzenden. Als deze overdrachten goed gaan, licht dan de gebruiker van het andere apparaat over het probleem in.
  • Als de fax mislukt wanneer deze naar andere apparaten wordt verzonden, schakel het apparaat dan gedurende tien seconden uit, schakel het weer in en probeer opnieuw te verzenden.
344
345
346
347
348
349 ECM
350 ECM
351 ECM
352 ECM
353 ECM
354
355
Het andere apparaat heeft niet geantwoord op een faxopdracht van het lokale apparaat, omdat de verbinding werd onderbroken. Deze fouten kunnen optreden wanneer de telefoonlijnen in het gebied waar u wilt faxen oud zijn of er ruis (storing op de telefoonlijn) aanwezig is. Andere oorzaken zijn tijdelijke stroomuitval en andere problemen met de stroomtoevoer.
Probeer de fax opnieuw te ontvangen wanneer de telefoonverbinding beter is. Als de verbinding slecht blijft, neemt u contact op met het telefoonbedrijf.
Deze fout wordt veroorzaakt door de wachtfunctie voor gesprekken. De klik die bij binnenkomende gesprekken is te horen, geeft aan dat de lijn tijdelijk wordt verbroken.
Schakel ECM (de foutcorrectiemodus) uit. Er kunnen nog steeds fouten optreden die leiden tot een slechtere weergavekwaliteit op de ontvangen pagina. De mogelijkheid om het volledige document te verzenden verbetert echter.
De gebruiker op afstand heeft tijdens de ontvangst op de knop Stop gedrukt.
Probeer te verzenden met een lagere overdrachtssnelheid.
In zeldzame gevallen kan incompatibiliteit tussen de twee apparaten ervoor zorgen dat het andere apparaat het gesprek afbreekt.
Probeer te verzenden met een lagere overdrachtssnelheid.
356
357
358
359
361
362 ECM
363 ECM
364 ECM
365 ECM
366 ECM
De gebruiker op afstand heeft op de knop Stop gedrukt, waardoor de sessie is beëindigd.
Configureer het andere apparaat voor documentontvangst door eventuele papierstoringen op te heffen, voldoende papier te plaatsen en andere foutberichten op te heffen.
Het andere apparaat heeft probleem met het systeem ondervonden, zoals geen papier of vastgelopen papier. Hierdoor kon de fax geen pagina's meer ontvangen, waardoor de sessie voortijdig werd beëindigd.
Configureer het lokale faxapparaat voor een lagere ontvangstsnelheid.
Deze fout wordt veroorzaakt door de wachtfunctie voor gesprekken. De klik die bij binnenkomende gesprekken is te horen, geeft aan dat de lijn tijdelijk wordt verbroken.
Schakel de ECM-instelling in of uit.
Het apparaat op afstand heeft een incompatibele functie aangetroffen en de sessie afgebroken.
Schakel de ECM-instelling in of uit.
Foutcode
Definities/oorzaken
Oplossingen
367
368
369
370
371
372
373 ECM
374 ECM
375 ECM
376 ECM
377 ECM
378
379
Het andere apparaat lijkt te zijn vastgelopen.
  • Vraag de gebruiker van het andere apparaat om het 10 seconden lang uit te schakelen en vervolgens weer in te schakelen. Probeer de overdracht opnieuw.
  • Verzend de fax naar een ander faxapparaat om te controleren of het probleem specifiek is voor het betreffende apparaat.
380 ECM
Het andere apparaat heeft geen geldige reactie gegeven op een CTC-frame. Dit treedt op tijdens overdracht in de foutcorrectiemodus na het herhaaldelijk proberen een fax te verzenden.
  • Schakel ECM uit en probeer vervolgens nogmaals te faxen.
  • Er is mogelijk geen oplossing omdat het andere apparaat defect is.
381 ECM
Het andere apparaat heeft niet geantwoord op een faxopdracht van het lokale apparaat, omdat de verbinding werd onderbroken.
Probeer de fax opnieuw te ontvangen wanneer de telefoonverbinding beter is. Als de verbinding slecht blijft, neemt u contact op met het telefoonbedrijf.
De gebruiker op afstand heeft tijdens de ontvangst op de knop Stop gedrukt.
Schakel ECM uit en probeer vervolgens nogmaals te faxen.
382 ECM
Het andere faxapparaat heeft het lokale apparaat ervan weerhouden de overdracht voort te zetten wegens tijdelijk onvoldoende geheugen op het andere apparaat. Als deze periode langer duurt dan de time-outwaarde van het apparaat, wordt de sessie beëindigd.
  • Verzend de fax opnieuw met een lagere resolutie.
  • Verzend het document opnieuw als twee of meer aparte faxoverdrachten. Wacht een paar minuten tussen het einde van de ene en het begin van de volgende overdracht.
383 ECM
Schakel ECM uit en probeer vervolgens nogmaals te faxen.
Het andere apparaat heeft niet geantwoord op een faxopdracht van het lokale apparaat, omdat de verbinding werd onderbroken.
De gebruiker op afstand heeft tijdens de ontvangst op de knop Stop gedrukt.
Probeer de fax opnieuw te ontvangen wanneer de telefoonverbinding beter is. Als de verbinding slecht blijft, neemt u contact op met het telefoonbedrijf.
384
Het lokale apparaat heeft geprobeerd een zwarte JPEG te verzenden naar een apparaat dat deze modus niet ondersteunt.
Probeer de fax te verzenden met behulp van een andere modus.
Foutcode
Definities/oorzaken
Oplossingen
386
387
388
389
390
391
392
393
394
395
Er is teveel storing op de lijn om een goede verbinding tot stand te brengen tussen de twee faxapparaten. De storing kan met de tijd verdwijnen.
Probeer de fax opnieuw te ontvangen wanneer de telefoonverbinding beter is. Als de verbinding slecht blijft, neemt u contact op met het telefoonbedrijf.
396
397
398
399
400
401
402
403
404
405
406
407
408
409
410
411
412
413
414
415
416
417
418
419
Tijdens een V.34-overdracht kan het lokale apparaat geen verbinding maken met het andere apparaat en is dus niet in staat een T30-frame te verzenden. Dit gebeurt wanneer de verbinding is verbroken of de kwaliteit van de verbinding tijdens de sessie verslechtert.
  • Verwijder eventuele doorgifteapparaten van de telefoonlijn en probeer de fax opnieuw te verzenden.
  • Zorg ervoor dat de fax/telefoonkabel niet langer dan noodzakelijk is en niet in de buurt van onafgeschermde elektromotoren zoals ventilatoren, verwarming of huishoudelijke apparatuur loopt.
  • Probeer de fax opnieuw te verzenden wanneer de telefoonverbinding beter is.
Foutcode
Definities/oorzaken
Oplossingen
420
421
Er is een verbindingsfout opgetreden op een bepaald tijdstip van het proces van het verzendende faxapparaat.
  • Probeer de fax opnieuw wanneer de telefoonverbinding beter is.
  • In sommige gevallen treedt deze fout op wanneer het andere faxapparaat een faxformaat gebruikt dat niet compatibel is met het HP faxapparaat.
422
423
Er is een verbindingsfout opgetreden op een bepaald tijdstip van het proces van het ontvangende faxapparaat.
  • Probeer de fax opnieuw wanneer de telefoonverbinding beter is.
  • Deze fout kan optreden wanneer het andere faxapparaat een faxformaat gebruikt dat niet compatibel is met het HP faxapparaat (gewoonlijk tijdens faxen in kleur).
430
De verzendende fax is niet in staat ononderbroken tonen te verzenden nadat de bedieningsgegevens zijn verzonden en voordat de faxgegevens naar de ontvangende fax worden verzonden. Deze fout kan verband houden met slechte lijnverbindingen en kan wijzen op problemen met de faxmodem.
  • Probeer de fax opnieuw wanneer de telefoonverbinding beter is.
  • Vraag het telefoonbedrijf om de lijn te controleren.
431
Het verzendende faxapparaat heeft geen respons ontvangen nadat een overdracht is beëindigd. Dit kan vanzelf optreden afhankelijk van het moment waarop de faxsessie is stopgezet.
  • Als de fax met opzet was beëindigd, hoeft u niets te doen.
  • Probeer de fax opnieuw wanneer de telefoonverbinding beter is.
440
441
442
443
444
Er is een fout opgetreden tijdens de overdracht nadat één of meer pagina's gedeeltelijk waren verzonden. Het apparaat waarmee wordt verzonden kan niet opnieuw het controlekanaal (de verbinding) starten alvorens meer gegevens te verzenden. Deze fout treedt normaal gezien op wanneer de ontvangende fax de verbinding verbreekt na het ontvangen van een gedeeltelijke pagina. Deze fout kan ook worden veroorzaakt als het ontvangende faxapparaat een faxformaat gebruikt dat niet compatibel is met het HP faxapparaat (gewoonlijk tijdens faxen in kleur).
Probeer de fax opnieuw wanneer de telefoonverbinding beter is.

Fout- en waarschuwingsmeldingen

Bekijk foutmeldingen en waarschuwingen die op de printer worden weergegeven wanneer u probeert te faxen. Een fout kan meerdere oplossingen hebben.
opmerking:
Berichten verschijnen tijdelijk en mogelijk moet u op OK drukken om de faxtaak te hervatten, of op Annuleren om de taak te annuleren. De faxtaak wordt mogelijk niet voltooid of de kwaliteit van de afgedrukte fax is mogelijk onvoldoende.
Bericht op het bedieningspaneel
Definities/oorzaken
Oplossingen
Comm. fout
Er is een faxcommunicatiefout opgetreden tussen het product en de afzender of ontvanger.
Laat het product opnieuw proberen de fax te verzenden.
Controleer of de telefoon correct werkt door het product te ontkoppelen, een telefoon op de telefoonlijn aan te sluiten, en een telefoonoproep te plaatsen.
Koppel het telefoonsnoer van het product met een andere telefoonlijnaansluiting en probeer de fax opnieuw te verzenden.
Probeer een ander telefoonsnoer.
Fax vertraagd
Zendgeheugen vol
Faxgeheugen vol.
Druk op de knop Annuleren en verzend de fax opnieuw. U moet de fax mogelijk in meerdere secties verzenden als de fout zich opnieuw voordoet.
Fax is bezet
Verzenden afgebroken
De faxlijn waar u naar verzendt was bezet. Het product heeft het verzenden afgebroken.
Bel de ontvanger om te controleren of het faxapparaat aan staat en gereed is.
Controleer of u het juiste faxnummer kiest.
Controleer of de optie Terugbellen indien bezet is ingeschakeld.
Controleer op een kiestoon op de telefoonlijn door de knop Fax verzenden in te drukken.
Controleer of de telefoon correct werkt door het product te ontkoppelen, een telefoon op de telefoonlijn aan te sluiten, en een telefoonoproep te plaatsen.
Koppel het telefoonsnoer van het product met een andere telefoonlijnaansluiting en probeer vervolgens de fax opnieuw te verzenden.
Probeer een ander telefoonsnoer.
Fax is bezet
Wachten op opnieuw kiezen
De faxlijn waar u naar verzendt was bezet. Het product belt automatisch opnieuw bij lijn bezet.
Laat het product opnieuw proberen de fax te verzenden.
Bel de ontvanger om te controleren of het faxapparaat aan staat en gereed is.
Controleer of u het juiste faxnummer kiest.
Controleer op een kiestoon op de telefoonlijn door de knop Fax verzenden in te drukken.
Controleer of de telefoon correct werkt door het product te ontkoppelen, een telefoon op de telefoonlijn aan te sluiten, en een telefoonoproep te plaatsen.
Koppel het telefoonsnoer van het product met een andere telefoonlijnaansluiting en probeer de fax opnieuw te verzenden.
Probeer een ander telefoonsnoer.
Faxgeheugen vol
Ontv. annuleren
Geheugen van het product is tijdens de overdracht volgeraakt. Alleen de pagina's die in het geheugen passen, worden afgedrukt.
Druk alle faxen af en laat de afzender de fax opnieuw verzenden. Laat de afzender de faxtaak opsplitsen in meerdere taken alvorens opnieuw te zenden. Annuleer alle faxtaken of wis de faxen uit het geheugen.
Faxgeheugen vol
Zenden annuleren
Geheugen volgeraakt tijdens faxtaak. Alle pagina's van de fax moeten in het geheugen zijn geplaatst voor een goede werking van de faxtaak. Alleen de pagina's die in het geheugen passen, zijn verzonden.
Druk alle ontvangen faxen af of wacht totdat alle actieve faxen zijn verzonden.
Vraag de afzender om de fax opnieuw te verzenden.
Annuleer alle faxtaken of wis de faxen uit het geheugen.
Faxontv. fout
Er is een fout opgetreden tijdens het ontvangen van een fax.
Vraag de afzender de fax opnieuw te verzenden.
Probeer terug te faxen naar de afzender of naar een ander faxapparaat.
Controleer op een kiestoon op de telefoonlijn door de knop Fax verzenden in te drukken.
Controleer of het telefoonsnoer goed is aangesloten door het te ontkoppelen en dan weer te koppelen.
Controleer of u het telefoonsnoer gebruikt dat bij het apparaat werd geleverd.
Controleer of de telefoon correct werkt door het product te ontkoppelen, een telefoon op de telefoonlijn aan te sluiten, en een telefoonoproep te plaatsen.
Verlaag de faxsnelheid. Vraag de afzender de fax opnieuw te verzenden.
Schakel foutcorrectiemodus uit. Vraag de afzender de fax opnieuw te verzenden.
Sluit het apparaat op een andere telefoonlijn aan.
Fax-verzendfout
Er is een fout opgetreden bij het verzenden van een fax.
Probeer de fax opnieuw te verzenden.
Probeer naar een ander faxnummer te verzenden.
Controleer op een kiestoon op de telefoonlijn door de knop Fax verzenden in te drukken.
Controleer of het telefoonsnoer goed is aangesloten door het te ontkoppelen en dan weer te koppelen.
Controleer of u het telefoonsnoer gebruikt dat bij het apparaat werd geleverd.
Controleer of de telefoon correct werkt door het product te ontkoppelen, een telefoon op de telefoonlijn aan te sluiten, en een telefoonoproep te plaatsen.
Sluit het apparaat op een andere telefoonlijn aan.
Stel de faxresolutie op Standaard in, in plaats van de standaardoptie Fijn.
Ongeldige invoer
Ongeldige data of respons.
Corrigeer de invoer.
Geen kiestoon
Het product kon geen kiestoon vinden.
Controleer op een kiestoon op de telefoonlijn door de knop Fax verzenden in te drukken.
Koppel het telefoonsnoer los van zowel het product als de muuraansluiting, en sluit het snoer dan weer aan.
Controleer of u het telefoonsnoer gebruikt dat bij het apparaat werd geleverd.
Koppel de telefoonkabel van het apparaat los van de wand, sluit een telefoon aan en probeer een telefoongesprek te maken.
Zorg ervoor dat het telefoonsnoer van de telefoonaansluiting aan de wand is aangesloten op de poort 1-Line van de printer.
Koppel het telefoonsnoer van het product in een andere telefoonlijnaansluiting.
Geen document verzonden
Het product heeft geen pagina's gescand of heeft geen pagina's van de computer ontvangen om via fax te verzenden.
Probeer de fax opnieuw te verzenden.
Geen antwoord van de fax.
Verzenden afgebroken
Pogingen om een faxnummer opnieuw te kiezen mislukt, of de optie Opnieuw kiezen bij geen antwoord was uitgeschakeld.
Bel de ontvanger om te controleren of het faxapparaat aan staat en gereed is.
Controleer of u het juiste faxnummer kiest.
Controleer of de optie Opnieuw kiezen is ingeschakeld.
Koppel het telefoonsnoer los van zowel het product als de muuraansluiting, en sluit het snoer dan weer aan.
Koppel de telefoonkabel van het apparaat los van de wand, sluit een telefoon aan en probeer een telefoongesprek te maken.
Zorg ervoor dat het telefoonsnoer van de telefoonaansluiting aan de wand is aangesloten op de poort 1-Line van de printer.
Koppel het telefoonsnoer van het product in een andere telefoonlijnaansluiting.
Geen antwoord van de fax.
Wachten op opnieuw kiezen
De ontvangende faxlijn beantwoordt niet. Het product probeert na een paar minuten het nummer opnieuw te kiezen.
Laat het product opnieuw proberen de fax te verzenden.
Bel de ontvanger om te controleren of het faxapparaat aan staat en gereed is.
Controleer of u het juiste faxnummer kiest.
Als het product opnieuw blijft bellen, koppelt u de telefoonkabel van het apparaat los van de wand, sluit u een telefoon aan en probeert u een telefoongesprek te maken.
Zorg ervoor dat het telefoonsnoer van de telefoonaansluiting aan de wand is aangesloten op de poort 1-Line van de printer.
Koppel het telefoonsnoer van het product in een andere telefoonlijnaansluiting.
Probeer een ander telefoonsnoer.
Geen fax gevonden
Het product heeft de binnenkomende oproep beantwoordt, maar heeft niet gedetecteerd dat een faxapparaat belde.
Laat het product opnieuw proberen de fax te ontvangen.
Probeer een ander telefoonsnoer.
Koppel het telefoonsnoer van het product in een andere telefoonlijnaansluiting.

12-cijferige diagnostische codes van het faxlogboek (voorbeeld: 021402030000)

Faxlogboeken voor sommige printers bevatten een diagnostische code waarmee u faxproblemen met verzenden en ontvangen kunt identificeren. U kunt faxlogboeken afdrukken via de menu's Fax, Instellingen of Rapporten op het bedieningspaneel van de printer.
Elk cijfer in de code staat voor een status, instelling of gebeurtenis. 021402030000 geeft bijvoorbeeld de volgende zaken aan.
opmerking:
Als er een 0 in de code staat maar er geen overeenkomstige betekenis beschikbaar is, dan wordt die 0 niet gebruikt.
1ste cijfer = 0 - Altijd een 0
2de cijfer = 2 - Verbroken verbinding ontvangen van externe locatie (afzender) waarmee fax is beëindigd.
3de cijfer = 1 - De bewerking was een faxontvangst.
4de cijfer = 4 - Foutcorrectiemodus (ECM) is gebruikt.
5de cijfer = 0 - Niet gebruikt aangezien dit een zendbewerking was, niet een ontvangstbewerking.
6de cijfer = 2 - Standaard resolutie/MMR-coderingsschema is gebruikt.
7de cijfer = 0 - 0 m/s-methodologie is gebruikt.
8ste cijfer = 3 - Communicatie verliep met 9600 bps.
Wanneer er een fout optreedt tijdens het faxen, verschijnt er een 15-cijferige code, zoals 001000000000403. Ga verder naar de 15-cijferige foutcodes voor faxcommunicatie.
Lees de volgende tabel voor de betekenis van elk cijfer in de diagnostische code.
Definities van cijfers in diagnostische code
1ste cijfer
Is altijd een 0.
2de cijfer
Sessie beëindigd. Verschillende manieren waarop een faxsessie kan zijn voltooid.
[1] = STOP is ingedrukt.
[2] = DCN ontvangen van externe locatie (DCN = verbinding verbroken).
[4] = GEHEUGEN was vol en de sessie kan worden afgebroken.
[8] = WAARSCHUWING OPERATOR gevraagd.
3de getal
Werking. Het soort faxsessie dat is uitgevoerd.
[1] = ONTVANGEN van een externe afzender
[2] = VERZENDEN naar een externe ontvanger
[4] = POLLING ontvangen, systeem werd een afzender
[8] = POLLING verzonden, systeem werd een ontvanger
4de cijfer
Training. Verschillende opties die tijdens training zijn gevraagd of ingesteld.
[1] = ID is ontvangen (identificatiecode van de abonnee van verzending (TSI) of identificatiecode van de abonnee van beller (CSI)
[2] = RETRAIN/FALLBACK gevraagd
[4] = Foutcorrectiemodus (ECM) was geselecteerd
[5] = ECM niet geselecteerd
5de cijfer
Zendbewerkingen. Verschillende soorten zendbewerkingen die door de gebruiker zijn geselecteerd.
[1] = UITGESTELDE bewerking
[2] = UITZEND-bewerking
[4] = SNELKIEZEN gebruikt bij het selecteren van het te bellen nummer
[8] = ADF (automatische documentinvoer) werd gebruikt, document niet verzonden uit geheugen
6de getal
Protocol. Staat voor de verschillende gebruikte methoden voor resolutie en coderingsschema.
[0] = Standaardresolutie/MH-coderingsschema (MH = aangepaste Huffman)
[1] = Standaardresolutie/MR-coderingsschema (MR = aangepast lezen)
[2] = Standaardresolutie/MMR-coderingsschema (MMR = aangepast lezen)
[4] = Fijne resolutie/MH-coderingsschema (MH = aangepaste Huffman)
[5] = Fijne resolutie/MR-coderingsschema (MR = aangepast lezen)
[6] = Fijne resolutie/MMR-coderingsschema (MMR = aangepast lezen)
[8] = 300 DPI/MH-coderingsschema (MH = aangepaste Huffman)
[9] = 300 DPI/MR-coderingsschema (MR = aangepast lezen)
[A] = 300 DPI/MMR-coderingsschema (MMR = aangepast lezen)
7de cijfer
Sessiemethodologie. Sessiesnelheid/type gegevens gebruikt voor verzenden en ontvangst
[0] = 0 ms/lijn
[1] = 5 ms/lijn
[2] = 10 ms/lijn
[4] = 20 ms/lijn
[7] = 40 ms/lijn
[8] = 0 ms/lijn (halftoon)
[9] = 5 ms/lijn (halftoon)
[A] = 10 ms/lijn (halftoon)
[C] = 20 ms/lijn (halftoon)
[F] = 40 ms/lijn (halftoon)
8ste cijfer
Baud-frequentiesnelheid die door het modem is gebruikt.
[0] = 2400 bps
[1] = 4800 bps
[2] = 7200 bps
[3] = 9600 bps
[4] = 12000 bps
[5] = 14400 bps
9de cijfer
Is altijd een 0.
10de cijfer
Diversen
[1] = Deze rapportinvoer moet worden afgedrukt
[2] = Diagnostiek op afstand
[4] = Pc-zending
11de getal
(alleen voor verzenden) Gebruikt voor het identificeren van fouten in de verzending van een fax naar een externe ontvanger.
[0] = NULL XMT (XMT = verzenden)
[1] = MPS XMT (MPS = signaal meerdere pagina's)
[2] = EOP XMT (EOP = einde procedure)
[3] = EOM XMT (EOM = einde bericht)
[4] = NULL XMT/RR REC
[5] = MPS XMT/RR REC
[6] = EOP XMT/RR REC
[7] = EOM XMT/RR REC
[8] = NULL XMT/CTC REC
[9] = MPS XMT/CTC REC
[A] = EOP XMT/CTC REC
[B] = EOM XMT/CTC REC
12de cijfer
(alleen voor verzenden) Gebruikt voor het identificeren van fouten in de verzending van een fax naar een externe ontvanger.
[1] = PRI (PRI = procedure onderbroken)
[2] = PPS (PPS = signaal deel van pagina)
[3] = PPS-PRI
[4] = EOR (EOR = einde opnieuw verzenden)
[5] = EOR-PRI
[8] = RTN ontvangen (RTN = Retrain negatief - lijnruis aangegeven, aansluitend)
[9] = PRI/RTN ontvangen (pagina's moeten met een lagere baud-frequentie worden verzonden)

15-cijferige communicatiefoutcodes voor faxlogboek (voorbeeld: 001000000000403)

Faxlogboeken voor sommige printers bevatten 15-cijferige commmunicatiefoutcodes waarmee u faxproblemen met verzenden en ontvangen kunt identificeren. U kunt faxlogboeken afdrukken via de menu's Fax, Instellingen of Rapporten op het bedieningspaneel van de printer.
De eerste 12 cijfers zijn een diagnostische code voor een status, instelling of gebeurtenis voor de faxtaak. Als een communicatiefout is opgetreden, wordt een 3-cijferige foutcode toegevoegd op posities 13 tot 15 van de code. De code 021402030000403 geeft bijvoorbeeld de volgende zaken aan.
opmerking:
Als er een 0 in de code staat maar er geen overeenkomstige betekenis beschikbaar is, dan wordt die 0 niet gebruikt.
1ste cijfer = 0 - Altijd een 0
2de cijfer = 2 - Verbroken verbinding ontvangen van externe locatie (afzender) waarmee fax is beëindigd.
3de cijfer = 1 - De bewerking was een faxontvangst.
4de cijfer = 4 - Foutcorrectiemodus (ECM) is gebruikt.
5de cijfer = 0 - Niet gebruikt aangezien dit een zendbewerking was, niet een ontvangstbewerking.
6de cijfer = 2 - Standaard resolutie/MMR-coderingsschema is gebruikt.
7de cijfer = 0 - 0 m/s-methodologie is gebruikt.
8ste cijfer = 3 - Communicatie verliep met 9600 bps.
Cijfers 13, 14 en 15 staan voor de fout die is opgetreden. In dit voorbeeld betekent 403 dat er een time-out is opgetreden.
Lees de volgende tabel voor de betekenis van elk cijfer en de aangegeven fout in de communicatiefoutcode.
Cijferbetekenissen van communicatiefoutcode
1ste cijfer
Is altijd een 0.
2de cijfer
Sessie beëindigd. Verschillende manieren waarop een faxsessie kan zijn voltooid.
[1] = STOP is ingedrukt.
[2] = DCN ontvangen van externe locatie (DCN = verbinding verbroken).
[4] = GEHEUGEN was vol en de sessie kan worden afgebroken.
[8] = WAARSCHUWING OPERATOR gevraagd.
3de getal
Werking. Het soort faxsessie dat is uitgevoerd.
[1] = ONTVANGEN van een externe afzender
[2] = VERZENDEN naar een externe ontvanger
[4] = POLLING ontvangen, systeem werd een afzender
[8] = POLLING verzonden, systeem werd een ontvanger
4de cijfer
Training. Verschillende opties die tijdens training zijn gevraagd of ingesteld.
[1] = ID is ontvangen (identificatiecode van de abonnee van verzending (TSI) of identificatiecode van de abonnee van beller (CSI)
[2] = RETRAIN/FALLBACK gevraagd
[4] = Foutcorrectiemodus (ECM) was geselecteerd
[5] = ECM niet geselecteerd
5de cijfer
Zendbewerkingen. Verschillende soorten zendbewerkingen die door de gebruiker zijn geselecteerd.
[1] = UITGESTELDE bewerking
[2] = UITZEND-bewerking
[4] = SNELKIEZEN gebruikt bij het selecteren van het te bellen nummer
[8] = ADF (automatische documentinvoer) werd gebruikt, document niet verzonden uit geheugen
6de getal
Protocol. Staat voor de verschillende gebruikte methoden voor resolutie en coderingsschema.
[0] = Standaardresolutie/MH-coderingsschema (MH = aangepaste Huffman)
[1] = Standaardresolutie/MR-coderingsschema (MR = aangepast lezen)
[2] = Standaardresolutie/MMR-coderingsschema (MMR = aangepast lezen)
[4] = Fijne resolutie/MH-coderingsschema (MH = aangepaste Huffman)
[5] = Fijne resolutie/MR-coderingsschema (MR = aangepast lezen)
[6] = Fijne resolutie/MMR-coderingsschema (MMR = aangepast lezen)
[8] = 300 DPI/MH-coderingsschema (MH = aangepaste Huffman)
[9] = 300 DPI/MR-coderingsschema (MR = aangepast lezen)
[A] = 300 DPI/MMR-coderingsschema (MMR = aangepast lezen)
7de cijfer
Sessiemethodologie. Sessiesnelheid/type gegevens gebruikt voor verzenden en ontvangst
[0] = 0 ms/lijn
[1] = 5 ms/lijn
[2] = 10 ms/lijn
[4] = 20 ms/lijn
[7] = 40 ms/lijn
[8] = 0 ms/lijn (halftoon)
[9] = 5 ms/lijn (halftoon)
[A] = 10 ms/lijn (halftoon)
[C] = 20 ms/lijn (halftoon)
[F] = 40 ms/lijn (halftoon)
8ste cijfer
Baud-frequentiesnelheid die door het modem is gebruikt.
[0] = 2400 bps
[1] = 4800 bps
[2] = 7200 bps
[3] = 9600 bps
[4] = 12000 bps
[5] = 14400 bps
9de cijfer
Is altijd een 0.
10de cijfer
Diversen
[1] = Deze rapportinvoer moet worden afgedrukt
[2] = Diagnostiek op afstand
[4] = Pc-zending
11de getal
(alleen voor verzenden) Gebruikt voor het identificeren van fouten in de verzending van een fax naar een externe ontvanger.
[0] = NULL XMT (XMT = verzenden)
[1] = MPS XMT (MPS = signaal meerdere pagina's)
[2] = EOP XMT (EOP = einde procedure)
[3] = EOM XMT (EOM = einde bericht)
[4] = NULL XMT/RR REC
[5] = MPS XMT/RR REC
[6] = EOP XMT/RR REC
[7] = EOM XMT/RR REC
[8] = NULL XMT/CTC REC
[9] = MPS XMT/CTC REC
[A] = EOP XMT/CTC REC
[B] = EOM XMT/CTC REC
12de cijfer
(alleen voor verzenden) Gebruikt voor het identificeren van fouten in de verzending van een fax naar een externe ontvanger.
[1] = PRI (PRI = procedure onderbroken)
[2] = PPS (PPS = signaal deel van pagina)
[3] = PPS-PRI
[4] = EOR (EOR = einde opnieuw verzenden)
[5] = EOR-PRI
[8] = RTN ontvangen (RTN = Retrain negatief - lijnruis aangegeven, aansluitend)
[9] = PRI/RTN ontvangen (pagina's moeten met een lagere baud-frequentie worden verzonden)
13de, 14de en 15de cijfer
3-cijferige communicatiefoutcode. Ga naar de volgende tabel voor de details.
Identificeer de betekenis van de laatste drie cijfers van een 15-cijferige communicatiefoutcode op een faxrapport.
Code
Beschrijving
Opmerkingen
401
DCN ontvangen
U wordt gebeld door een polling-fax en via het DIS (digitale opdrachtsignaal) dat u verzendt wordt vastgesteld dat er geen document ter verzending is. De bellende fax stuurt u dan een DCN (faxapparaten van Sharp).
402
Verbinding lijn verbroken
U hebt een DCN verzonden en de verbinding van de lijn is na 3 seconden wachten op een ontvangstframe van de afzender verbroken, of het signaal van de lijn was langer dan 0,2 seconde afwezig.
403
Time-out
Geen faxtonen gedetecteerd in de binnenkomende oproep. De oproep kwam niet van een ander faxapparaat. De binnenkomende fax was afkomstig van een ouder, 'stil' faxapparaat. Schakel in dit geval Stiltedetectie in de faxinstellingen in. De lijninterface-eenheid is mogelijk defect.
404
Geen document om te pollen
U hebt een andere fax gepolld dat geen document heeft dat te pollen is. Ricoh FAX 800 of een HP OfficeJet geven deze fout op het pollende apparaat. Kan ook worden veroorzaakt als een Canon B200 een poll heeft uitgevoerd naar een HP OfficeJet, waarbij de Canon-gebruiker de knop START niet snel genoeg heeft ingedrukt, waarmee de Canon de poll zou uitvoeren in plaats van handmatig ontvangen.
411
Geen post-MSG of lokale onderbreking
Deze fout treedt op als de verbinding van de lijn wegvalt of als de bellende fax de bewerking afbreekt tijdens de training-fase van het ontvangst. Het bericht is in ieder geval voor de eerst pagina 'Verbinding maken...'
412
Verbinding lijn verbroken
Time-out op de HDLC-buffer (hoogniveau-datalinkbeheer). Als de HDLC-buffer is voltooid vanwege een verbroken verbinding van de lijn of gegevensverlies, wacht het systeem totdat het bericht is afgerond om de gegevens opnieuw te synchroniseren en te verzenden naar de ontvanger. Verzender heeft een DCN verzonden en de verbinding van de lijn is na 3 seconden wachten op een ontvangstframe van de afzender verbroken, of het signaal van de lijn was langer dan 0,2 seconde afwezig.
413
DCN ontvangen
U hebt een fax gepolld en de verbinding wordt verbroken in plaats van dat een pagina wordt verzonden. Het oppakken van de volgende pagina naar de scanner is aan de kant van de afzender mislukt. De afzender drukt op STOP terwijl de afzender begint met verzenden.
Code
Beschrijving
Opmerkingen
414
Geen documenten om te pollen
Er zijn geen documenten om te pollen.
415
Ongeldige DCS
DCS (digitaal opdrachtsignaal) ontvangen in het opdrachtframe, maar is ongeldig. Een geldig DCS moet overeenkomen met productverzoeken voor de ECM-modus AAN of UIT.
416
Snelheid komt niet overeen
Wordt gemeld wanner het DCS-frame dat van een externe afzender wordt ontvangen een minimale scansnelheid bevat die niet compatibel is met de mogelijkheden van de ontvanger.
417
T30 of ten minste één pagina niet bevestigd
Wordt gemeld bij een situatie zonder ECM wanneer de printer een RTN (retrain negatief) verzendt om aan te geven dat de ontvangen pagina veel slechte regels bevat en mogelijk niet leesbaar is. Wordt gemeld bij een situatie met ECM wanneer de printer niet een volledig correcte pagina kan ontvangen na alle pogingen om de afzender de slechte frames opnieuw te laten verzenden. De situatie zonder ECM komt voor wanneer de lijn veel ruis bevat, waardoor er fouten ontstaan op de regels van de pagina. De situatie met ECM is moeilijk te bewerkstelligen, omdat de meeste faxapparaten een steeds langzamere train-snelheid hanteren, totdat het opnieuw verzonden frame correct wordt ontvangen.
419
Systeemuitzondering
Ontvangen van fax afgebroken. De meest voorkomende oorzaak is onvoldoende geheugen.
421
Verbinding telefoon verbroken
De gebruiker heeft de verbinding van de lijn verbroken na de spraaksessie, zonder de faxsessie voort te zetten.
422
Irrelevante respons
In niet-ECM-modus was de ontvangen opdracht niet een van de verwachte responsen.
431
Geen lokale respons voor onderbreking op afstand
Opgegeven door een ontvanger bij werking in ECM-modus. De opdracht voor post-bericht spraakverzoek is ontvangen en er was geen lokaal lijnverzoek tijdens de time-out van T3.
432
Verbinding telefoon verbroken
De gebruiker heeft de verbinding van de lijn verbroken na de spraaksessie, zonder de faxsessie voort te zetten en terwijl ECM-modus actief is.
Code
Beschrijving
Opmerkingen
441
Verbinding telefoon verbroken
De gebruiker heeft de verbinding van de lijn verbroken na de spraaksessie, zonder de faxsessie voort te zetten en terwijl ECM-modus actief is.
451
Verbinding telefoon verbroken
De gebruiker heeft de verbinding van de lijn verbroken na de spraaksessie, zonder de faxsessie voort te zetten en terwijl ECM-modus actief is.
461
Time-out
Time-out van T2-timer bij het wachten op een opdracht na een RNR.
462
DCN ontvangen
DCN ontvangen in een opdrachtframe dat is ontvangen als respons op RNR. Geheugen van lokaal apparaat raakte tijdens de ontvangst vol.
463
Verbinding lijn verbroken
Verzender heeft een DCN verzonden en de verbinding van de lijn is na 3 seconden wachten op een ontvangstframe van de afzender verbroken, of het signaal van de lijn was langer dan 0,2 seconde afwezig.
464
Irrelevante respons
Ontvangen opdracht niet verwacht, in ECM-modus.
471
Time-out
Time-out van T2-timer bij het wachten op een opdracht na een RNR.
472
ERR verzonden
Opgegeven door een ontvanger in ECM wanneer een afzender besluit om het opnieuw verzenden van huidige blok/pagina/document na 4 onsuccesvolle pogingen en mogelijke verminderingen van modemsnelheden af te breken.
473
DCN ontvangen
DCN ontvangen in een opdrachtframe dat is ontvangen als respons op RNR.
474
Verbinding lijn verbroken
Verzender heeft een DCN verzonden en de verbinding van de lijn is na 3 seconden wachten op een ontvangstframe van de afzender verbroken, of het signaal van de lijn was langer dan 0,2 seconde afwezig.
Code
Beschrijving
Opmerkingen
475
Irrelevante respons
Ontvangen opdracht niet verwacht, in ECM-modus.
481
Irrelevante respons
Ontvangen opdracht niet RR, in ECM-modus.
501
Lijn bezet
Toon voor lijn bezet gedetecteerd tijdens eerste handshake. 'BEZET' wordt weergegeven in rapport.
502
DCN ontvangen
DCN ontvangen in een opdrachtframe dat is ontvangen als respons op CNG (beltoon - dit signaal heeft een frequentie van 1100 Hz.)
503
Verbinding lijn verbroken
Verzender heeft een DCN verzonden en de verbinding van de lijn is na 3 seconden wachten op een ontvangstframe verbroken, of het signaal van de lijn was langer dan 0,2 seconde afwezig.
504
Irrelevante respons
Opdracht die volgde op CNG was ongeldig.
505
Time-out
T1 timer verstreken en geen respons ontvangen. 'Geen antwoord' weergegeven op rapport.
511
Incompatibele ontvanger op afstand
Ontvanger is niet compatibel voor aanpasbare functies.
512
Incompatibele ontvanger op afstand
Ontvanger is niet compatibel of polling is verzocht en geweigerd.
513
Polling-wachtwoord onjuist
U bent gepolld en er was geen document ter verzending.
514
Geen documenten om te pollen
Het pollende apparaat kijkt niet naar de DIS waarin wordt gemeld dat er geen pollbaar document aanwezig is, en vraagt alsnog om een document ter verzending.
515
Time-out
Timer is verstreken.
Code
Beschrijving
Opmerkingen
521
DCN ontvangen
DCN is ontvangen in een responsframe dat volgde op de training-fase.
522
Verbinding lijn verbroken
Verzender heeft een DCN verzonden en de verbinding van de lijn is na 3 seconden wachten op een ontvangstframe verbroken, of het signaal van de lijn was langer dan 0,2 seconde afwezig.
523
Geen respons op alle nieuwe pogingen
Geen respons ontvangen op alle 3 de pogingen om een verbinding met DCS te maken. Verbinding met de ontvanger verbroken omdat de verbinding van de lijn is verbroken of omdat de ontvanger heeft opgehangen.
524
Identificatie ontvangen
Synchroniseren met apparaat op afstand mislukt. De lijn is mogelijk defect, waardoor het apparaat op afstand de DCS-opdracht niet kan zien.
525
Vermindering niet mogelijk
Verminderen van modemsnelheid is vereist maar onmogelijk (bijvoorbeeld: ontvanger ondersteunt v 29 maar v 27 is vereist). Alle pogingen tot trainen met het apparaat op afstand zijn mislukt.
526
Irrelevante respons
De ontvangen respons na de DCS + training is ongeldig (CFR verwacht).
531
Irrelevante respons
De ontvangen respons na de verzending van MPS, EOP, EOM is onjuist. Controleer diagnose-bits 11 en 12.
532
DCN ontvangen
DCN ontvangen als respons op het verzendsignaal. Controleer diagnose-bits 11 en 12.
533
Verbinding lijn verbroken
Verzender heeft een DCN verzonden en de verbinding van de lijn is na 3 seconden wachten op een ontvangstframe verbroken, of het signaal van de lijn was langer dan 0,2 seconde afwezig.
534
Geen respons op alle nieuwe pogingen
De verbinding is verbroken omdat de verbinding van de lijn is verbroken of omdat de ontvanger heeft opgehangen.
Code
Beschrijving
Opmerkingen
535
Vermindering niet mogelijk
Vermindering in verzenden van post-berichten niet mogelijk. Ontvanger op afstand reageert niet met een RTP of RTN, of de verzender kan niet opnieuw verzenden.
536
Ten minste één pagina niet bevestigd
Treedt op in niet-ECM-modus wanneer er veel fouten op een pagina zijn. De ontvangen pagina was niet leesbaar.
541
Verbinding telefoon verbroken
De gebruiker heeft de verbinding van de lijn verbroken na de spraaksessie, zonder de faxsessie voort te zetten.
542
Time-out
De T3-timer voor tussenkomst van operator is verlopen.
543
Irrelevante respons
De ontvangen respons na een verzending van een spraakverzoek naar de afzender op afstand was niet een DIS.
551
DCN ontvangen
DCN ontvangen als respons op het verzonden signaal. Controleer diagnose-bits 11 en 12.
552
Verbinding lijn verbroken
Verzender heeft een DCN verzonden en de verbinding van de lijn is na 3 seconden wachten op een ontvangstframe verbroken, of het signaal van de lijn was langer dan 0,2 seconde afwezig.
553
Geen respons op alle nieuwe pogingen
De verbinding met de ontvanger is verbroken omdat de verbinding van de lijn is verbroken of omdat de ontvanger heeft opgehangen.
554
Irrelevante respons
De ontvangen respons na de verzending van PPS-NULL, PPS-MPS, PPS-EOM was onjuist. Controleer diagnose-bits 11 en 12.
555
Vermindering niet mogelijk
Systeem kan bij geen enkele baud-frequentie een geldige ECM-verzending ontvangen.
561
DCN ontvangen
DCN ontvangen als respons op het verzonden signaal. Controleer diagnose-bits 11 en 12.
562
Verbinding lijn verbroken
Verzender heeft een DCN verzonden en de verbinding van de lijn is na 3 seconden wachten op een ontvangstframe verbroken, of het signaal van de lijn was langer dan 0,2 seconde afwezig.
563
Geen respons op alle nieuwe pogingen
De verbinding met de ontvanger is verbroken omdat de verbinding van de lijn is verbroken of omdat de ontvanger heeft opgehangen.
564
Irrelevante respons
De ontvangen respons na de verzending van PPS-NULL, PPS-MPS, PPS-EOM was onjuist. Controleer diagnose-bits 11 en 12.
565
Geen cont. met volgend bericht
Opgegeven door een afzender (ECM) wanneer deze opnieuw verzenden van huidige blok/pagina/document na 4 onsuccesvolle pogingen en mogelijke verminderingen van modemsnelheden heeft afgebroken.
566
Ten minste één pagina niet bevestigd
ERR (einde van respons opnieuw verzenden) ontvangen van de ontvanger als respons op EOR-MPS, -EOP, -EOM of -NULL.

hp-feedback-input-portlet

Acties
Bezig met laden...

hp-feedback-banner-portlet

Acties
Bezig met laden...

hp-country-locator-portlet

Acties
Bezig met laden...
Land/regio: Flag België

hp-detect-load-my-device-portlet

Acties
Bezig met laden...