HP Support

hp-contact-secondary-navigation

Actions
Loading...

hp-share-print-widget

Actions
Loading...

hp-concentra-wrapper

Actions
Loading...

Windows XP: De voortgangsbalk in het software-installatiescherm stopt of loopt vast

Probleem
De HP software-installatie loopt vast of wordt beëindigd op een specifiek percentage (bijvoorbeeld 96%, 94% of 7%) van of bepaalde punten tijdens de installatie. De groene voortgangsbalk komt mogelijk stil te staan of wordt voortdurend langer en korter en lijkt niet vooruit te gaan.
Oplossing één: De computer opnieuw opstarten
Volg deze stappen om uw computer opnieuw op te starten.
  1. Klik op Start () en vervolgens op Afsluiten.
  2. Klik op Opnieuw opstarten om de pc opnieuw op te starten.
  3. Als er een melding verschijnt die aangeeft dat de HP software-installatie wordt uitgevoerd, start de computer dan opnieuw op door op de aan/uit-knop te drukken om de computer uit en weer aan te zetten.
    De installatie zou verder moeten gaan vanaf het punt dat de installatie vastliep. Als dit niet het geval is, gaat u door met de volgende oplossing.
Oplossing twee: De printer opnieuw instellen
Volg deze stappen om de printer te resetten. Met een stroomreset wordt de stroom weggevoerd uit het apparaat en wordt het apparaat teruggezet op dezelfde instellingen nadat het opnieuw wordt gestart. Een stroomreset is een gebruikelijke stap voor probleemoplossing en kan worden uitgevoerd voor problemen die vergelijkbaar zijn met een vastgelopen installatie.
  1. Als de printer is uitgeschakeld, drukt u op de aan/uit-knop om de printer in te schakelen. Wacht totdat de printer inactief is en geen geluid meer maakt voordat u verdergaat.
  2. Koppel de stekker los van de achterkant van de printer zonder de printer uit te zetten.
  3. Haal de stekker uit het stopcontact.
  4. Wacht minstens 60 seconden.
  5. Steek de stekker weer in het stopcontact.
     note:
    Sluit het netsnoer vervolgens opnieuw aan op de printer en het stopcontact.
  6. Sluit de stekker weer aan op de achterkant van de printer.
  7. Als de printer niet automatisch wordt ingeschakeld, gebruikt u de aan/uit-knop om deze in te schakelen.
     note:
    De printer heeft mogelijk een opwarmperiode. Het is mogelijk dat de printerlampjes knipperen en de wagen beweegt.
  8. Wacht tot het opwarmingsproces is voltooid en de printer stil is voordat u verdergaat.
Oplossing drie: Achtergrondprogramma's uitschakelen en de HP software opnieuw installeren
Volg deze stappen om alle HP software te verwijderen, achtergrondprogramma's uit te schakelen en de HP software vervolgens opnieuw te installeren.
Stap één: De HP software verwijderen
Zelfs als de installatie van de HP software niet werd voltooid, kunnen sommige HP componenten toch gedeeltelijk op uw computer zijn geïnstalleerd. Volg deze stappen om alle componenten te verwijderen voordat u verdergaat.
  1. Ontkoppel de USB-kabel waarmee de printer op de computer is aangesloten.
  2. Klik op Start () en vervolgens op Configuratiescherm.
  3. Dubbelklik op Software. Klik in de lijst met geïnstalleerde programma's op uw printer en klik vervolgens op Toevoegen/verwijderen.
  4. Volg de aanwijzingen op het scherm om het verwijderen van de software te voltooien.
     note:
    Als u wordt gevraagd of u gedeelde bestanden wilt verwijderen, klikt u op Nee. Andere programma's die deze bestanden gebruiken, werken mogelijk niet meer wanneer u deze bestanden verwijdert.
  5. Start de computer opnieuw op.
Stap twee: Terminate and Stay Resident-programma's (TSR) en andere achtergrondprogramma's uitschakelen
Soms voorkomen TSR-programma's dat de printersoftware wordt geladen zodat de software niet goed wordt geïnstalleerd. Het kan dus nodig zijn om TSR-programma's uit te schakelen. U kunt een video bekijken of u kunt de stappen volgen om programma's uit te schakelen die op de achtergrond worden uitgevoerd in Windows XP.
De volgende video laat zien hoe u programma's kunt uitschakelen die op de achtergrond worden uitgevoerd in Windows XP.
Als de video niet correct wordt weergegeven of als u de video in een ander formaat wilt bekijken, klikt u hier om de video op YouTube af te spelen.
Volg deze stappen om programma's uit te schakelen die op de achtergrond worden uitgevoerd in Windows XP:
Wanneer de computer wordt ingeschakeld, wordt automatisch een softwaregroep met de naam 'Terminate and Stay Resident (TSR)' geladen. Deze programma's activeren computerhulpprogramma's zoals de anti-virussoftware, maar deze zijn niet nodig om de computer te laten functioneren. Het gebeurt soms dat TSR's verhinderen dat de productsoftware wordt geladen, waardoor de software niet correct wordt geïnstalleerd. In Microsoft Windows XP gebruikt u het hulpprogramma MSCONFIG om te verhinderen dat TSR-programma's en -services worden opgestart.
  1. Klik op de computer op Start en vervolgens op Uitvoeren. Het dialoogvenster Uitvoeren wordt geopend.
  2. In het veld Openen typt u msconfig en klik vervolgens op OK. Het venster Hulpprogramma voor systeemconfiguratie wordt geopend.
  3. Klik op het tabblad Algemeen en selecteer Selectief opstarten.
  4. Als er een vinkje in het selectievakje bij Opstartonderdelen laden staat, klik dan op het vinkje om het te verwijderen.
  5. Klik op het tabblad Services en selecteer het vakje Alle Microsoft-services verbergen.
  6. Klik op Alles uitschakelen.
  7. Klik op Toepassen en klik vervolgens op Sluiten.
     note:
    Als er de foutmelding 'Toegang geweigerd' wordt weergegeven op de computer terwijl u veranderingen aanbrengt, klik dan op OK en ga verder. Het bericht verhindert u niet wijzigingen aan te brengen.
  8. Selecteer Opnieuw opstarten om de wijzigingen toe te passen.
     note:
    Nadat de computer opnieuw is opgestart en het bureaublad verschijnt, wordt mogelijk het bericht U hebt met het Hulpprogramma voor systeemconfiguratie wijzigingen aangebracht in de manier waarop Windows start weergegeven. Als u wilt voorkomen dat dit bericht opnieuw verschijnt, selecteert u Dit bericht niet meer weergeven.
  1. Klik op de taakbalk van Windows op Start, Alle programma's, Bureau-accessoires, Systeemwerkset en vervolgens op Schijfopruiming. Het hulpprogramma Schijfopruiming analyseert de vaste schijf en toont dan een rapport met een lijst met opties met selectievakjes ernaast.
  2. In het vak Te verwijderen bestanden klikt u op de gewenste selectievakjes om onnodige bestanden en componenten te verwijderen. De mogelijke opties zijn:
    • Gedownloade programmabestanden
    • Tijdelijke bestanden
    • Offline webpagina's
    • Bestanden in de Prullenbak
    • Bestanden die door andere hulpprogramma's van Windows zijn gemaakt
       note:
      U hoeft niet alle bestanden en componenten te verwijderen, maar tenzij u een bepaalde reden hebt om ze te bewaren, is het aan het raden de bestanden te verwijderen.
  3. Na het selecteren van de componenten die u wilt verwijderen, klikt u op OK om het hulpprogramma te openen.
Stap vier: De printersoftware downloaden en installeren
 note:
De software die verkrijgbaar is op de website van HP is de recentste software en deze is mogelijk recenter dan de software op de cd.
  1. Zet de printer aan.
  2. Koppel de USB-kabel los van zowel de printer als de computer (als u de kabel al had aangesloten). Als de printer met uw netwerk is verbonden, laat u die verbinding in stand.
  3. Als de pagina Welkom bij HP ondersteuning wordt geopend, gaat u als volgt te werk:
    1. Typ in het vak Voer naam of nummer product in het model of nummer van de printer.
    2. Typ driver in het vak Vragen of trefwoorden en druk op Enter.
      Wellicht moet u het modelnummer van uw printer selecteren in een lijst met vergelijkbare printermodellen.
    3. Naast het pictogram van de printer klikt u op de naam.
      Figure : Een voorbeeld van een koppeling naar de homepage van de printer
      Afbeelding: Een voorbeeld van de koppeling naast de homepage van de printer
    4. Klik op de ondersteuningssite van HP op Drivers.
  4. Selecteer uw besturingssysteem en klik op Volgende.
    Een lijst met stuurprogramma's en andere downloads wordt weergegeven.
  5. Blader naar beneden en klik op Driver - Productinstallatiesoftware.
  6. Klik naast de vermelde software en driver op Downloaden en volg de instructies op het scherm om het stuurprogramma op de computer op te slaan.
  7. Open de map waarin het softwarebestand is opgeslagen (meestal Downloads), dubbelklik op het bestand en volg de instructies op het scherm om de installatie te voltooien.
  • Als de software-installatie mislukt, gaat u naar de volgende oplossing in dit document.
  • Als de software wordt geïnstalleerd, gaat u naar de volgende stap om de opstartprogramma's die u eerder had uitgeschakeld weer in te schakelen. U hoeft niet verder te gaan met de volgende oplossing in dit document.
Stap vijf: Het hulpprogramma MSCONFIG gebruiken om de opstartprogramma's in te schakelen
U kunt een video bekijken of deze stappen volgen om de opstartprogramma's weer in te schakelen die u eerder in dit document had uitgeschakeld.
De volgende video demonstreert hoe u het hulpprogramma MSCONFIG gebruikt om opstartprogramma's in Windows XP in te schakelen.
.
Als de video niet correct wordt weergegeven of u de video in een ander formaat wilt bekijken, klik dan hier om de video op YouTube af te spelen.
  1. Klik op Start () en vervolgens op Uitvoeren. Het venster Uitvoeren verschijnt.
  2. In het vak Openen, typt u msconfig en klik vervolgens op OK. Het venster Hulpprogramma voor systeemconfiguratie wordt geopend.
  3. Op het tabblad Algemeen selecteert u Normaal opstarten om alle functies automatisch in te schakelen wanneer de computer de volgende keer wordt opgestart.
  4. Klik op Toepassen en klik vervolgens op OK.
  5. Klik op Opnieuw opstarten om de wijzigingen toe te passen.
     note:
    Nadat de computer opnieuw is opgestart, wordt mogelijk het bericht "U hebt met het hulpprogramma voor systeemconfiguratie wijzigingen aangebracht in de manier waarop Windows start" weergegeven. Als u wilt voorkomen dat dit bericht opnieuw wordt weergegeven, selecteert u Dit bericht niet meer weergeven.
Oplossing vier: Een verwijdering uitvoeren op niveau 3 en de HP software opnieuw installeren
Als het probleem niet werd opgelost met de vorige oplossingen, volgt u deze stappen om een verwijdering op niveau 3 uit te voeren en de HP software vervolgens opnieuw op te starten.
Stap één: Een verwijdering op niveau 3 uitvoeren
Download de software van de HP website en gebruik het gedownloade bestand om de verwijdering op niveau drie uit te voeren. Een verwijdering op niveau 3 is uitgebreider dan de methode voor het verwijderen van de software die eerder in dit document werd besproken.
  1. Koppel de USB-kabel los van het product en de computer (als u de kabel al had aangesloten).
  2. Schakel het apparaat in.
  3. Open een nieuw venster om naar de pagina Software en drivers verkrijgen te gaan: Software en Drivers downloaden.
  4. Bekijk de instructies op de pagina en klik vervolgens naast de juiste kop op het plusteken (+) voor extra instructies:
    • Als u wordt gevraagd om uw product in het venster in te voeren.
      1. Voer uw productnummer in het venster in.
      2. Klik op Volgende. Klik zo nodig op uw model in een lijst met vergelijkbare producten.
      3. Klik op Software en Drivers downloaden.
      4. Klik op de vervolgkeuzepijl () en klik op uw besturingssysteem.
      5. Klik op Volgende en ga dan verder met de volgende stap.
    • Als u wordt gevraagd om uw besturingssysteem te selecteren.
      1. Klik op de vervolgkeuzepijl () en klik op uw besturingssysteem.
      2. Klik op Volgende.
      3. Ga verder met de volgende stap.
  5. Klik op het plusteken () naast Driver en klik vervolgens op het stuurprogramma dat u wilt downloaden.
  6. Lees de minimale systeemvereisten en extra instructies door. U kunt ook op Aanwijzingen bekijken () klikken voor volledige downloadinstructies.
  7. Klik op Downloaden. Met deze optie kunt u de software op elk willekeurig moment installeren als de download is voltooid.
  8. Klik op Opslaan en blader naar de locatie op uw computer waar u het bestand wilt opslaan. U kunt het bestand het beste op uw bureaublad opslaan zodat u het gemakkelijk kunt terugvinden.
  9. Klik op Opslaan. De software wordt naar uw pc gedownload.
  10. Nadat het bestand is gedownload, klikt u op Start en vervolgens op Zoeken. Het venster Zoekresultaten wordt geopend.
  11. Klik onder Waar wilt u naar zoeken? op Alle bestanden en mappen.
  12. Typ Uninstall_L3 in het eerste zoekveld en klik dan op Zoeken.
  13. Dubbelklik op het bestand Uninstall_L3.bat. Als er meer dan één bestand in de zoekresultaten verschijnt, breid dan de kolom In map uit en zoek in de map Temp naar het bestand met 7zXXX.tmp in de bestandsnaam (XXX varieert per driverversie). Het HP verwijderprogramma wordt geopend.
     note:
    Als het scherm Welkom bij HP! verschijnt, klikt u op Annuleren of Afsluiten.
  14. Volg de aanwijzingen op het scherm om het verwijderen op niveau drie te voltooien.
Wanneer de computer wordt ingeschakeld, wordt automatisch een softwaregroep met de naam 'Terminate and Stay Resident (TSR)' geladen. Deze programma's activeren computerhulpprogramma's zoals de anti-virussoftware, maar deze zijn niet nodig om de computer te laten functioneren. Het gebeurt soms dat TSR's verhinderen dat de productsoftware wordt geladen, waardoor de software niet correct wordt geïnstalleerd. In Microsoft Windows XP gebruikt u het hulpprogramma MSCONFIG om te verhinderen dat TSR-programma's en -services worden opgestart.
  1. Klik op de computer op Start en vervolgens op Uitvoeren. Het dialoogvenster Uitvoeren wordt geopend.
  2. In het veld Openen typt u msconfig en klik vervolgens op OK. Het venster Hulpprogramma voor systeemconfiguratie wordt geopend.
  3. Klik op het tabblad Algemeen en selecteer Selectief opstarten.
  4. Als er een vinkje in het selectievakje bij Opstartonderdelen laden staat, klik dan op het vinkje om het te verwijderen.
  5. Klik op het tabblad Services en selecteer het vakje Alle Microsoft-services verbergen.
  6. Klik op Alles uitschakelen.
  7. Klik op Toepassen en klik vervolgens op Sluiten.
     note:
    Als er de foutmelding 'Toegang geweigerd' wordt weergegeven op de computer terwijl u veranderingen aanbrengt, klik dan op OK en ga verder. Het bericht verhindert u niet wijzigingen aan te brengen.
  8. Selecteer Opnieuw opstarten om de wijzigingen toe te passen.
     note:
    Nadat de computer opnieuw is opgestart en het bureaublad verschijnt, wordt mogelijk het bericht U hebt met het Hulpprogramma voor systeemconfiguratie wijzigingen aangebracht in de manier waarop Windows start weergegeven. Als u wilt voorkomen dat dit bericht opnieuw verschijnt, selecteert u Dit bericht niet meer weergeven.
  1. Klik op de taakbalk van Windows op Start, Alle programma's, Bureau-accessoires, Systeemwerkset en vervolgens op Schijfopruiming. Het hulpprogramma Schijfopruiming analyseert de vaste schijf en toont dan een rapport met een lijst met opties met selectievakjes ernaast.
  2. In het vak Te verwijderen bestanden klikt u op de gewenste selectievakjes om onnodige bestanden en componenten te verwijderen. De mogelijke opties zijn:
    • Gedownloade programmabestanden
    • Tijdelijke bestanden
    • Offline webpagina's
    • Bestanden in de Prullenbak
    • Bestanden die door andere hulpprogramma's van Windows zijn gemaakt
       note:
      U hoeft niet alle bestanden en componenten te verwijderen, maar tenzij u een bepaalde reden hebt om ze te bewaren, is het aan het raden de bestanden te verwijderen.
  3. Na het selecteren van de componenten die u wilt verwijderen, klikt u op OK om het hulpprogramma te openen.
Stap vier: De HP software opnieuw installeren
  1. Blader naar de locatie waar u het gedownloade bestand had opgeslagen in de vorige stappen (bijvoorbeeld op het bureaublad van uw computer) en dubbelklik op het bestand.
  2. Volg de instructies op het scherm om de installatie te voltooien.
Stap vijf: Het hulpprogramma MSCONFIG gebruiken om de opstartprogramma's in te schakelen
Volg deze stappen om de opstartprogramma's weer in te schakelen die u eerder in dit document had uitgeschakeld.
  1. Klik op Start () en vervolgens op Uitvoeren. Het venster Uitvoeren verschijnt.
  2. In het vak Openen, typt u msconfig en klik vervolgens op OK. Het venster Hulpprogramma voor systeemconfiguratie wordt geopend.
  3. Op het tabblad Algemeen selecteert u Normaal opstarten om alle functies automatisch in te schakelen wanneer de computer de volgende keer wordt opgestart.
  4. Klik op Toepassen en klik vervolgens op OK.
  5. Klik op Opnieuw opstarten om de wijzigingen toe te passen.
     note:
    Nadat de computer opnieuw is opgestart, wordt mogelijk het bericht "U hebt met het hulpprogramma voor systeemconfiguratie wijzigingen aangebracht in de manier waarop Windows start" weergegeven. Als u wilt voorkomen dat dit bericht opnieuw wordt weergegeven, selecteert u Dit bericht niet meer weergeven.

hp-online-communities

Actions
Loading...
EmptyPortlet
Contact HP

Contact HP

Let HP help you find the answer or identify a service location. Contact us >

Country: United States