hp-support-head-portlet

Acties
Bezig met laden...

HP Klantondersteuning

hp-contact-secondary-navigation-portlet

Acties
Bezig met laden...

hp-share-print-widget-portlet

Acties
Bezig met laden...

hp-concentra-wrapper-portlet

Acties
Bezig met laden...

HP All-in-One producten - De parallelle poort configureren voor communicatie met de All-in-One

Inleiding
Veel HP All-in-One producten die gebruik maken van een parallelle poortverbinding, werken alleen correct als de parallelle poort is ingesteld op de ECP-modus (Enhanced Capabilities Port). ECP is een parallelle-poortmodus die op de meeste computers beschikbaar is om de snelheid te vergroten waarmee gegevens worden overgedragen; deze is ingesteld in de BIOS-instellingen van de computer.
Het BIOS is een reeks computerinstructies die worden geladen in een geheugenchip op het moederbord van de computer. De instructies in het BIOS coördineren de communicatie tussen het besturingssysteem en de hardware van de computer. Het BIOS is niet afhankelijk van de Windows-versie die u gebruikt. De BIOS-software kan worden bijgewerkt door nieuwere software te downloaden van de fabrikant van de computer of het moederbord.
 opmerking:
Het wijzigen van de Windows-versie die op de computer is geïnstalleerd heeft geen invloed op het BIOS of op de computer.
In Microsoft (R) Windows XP en 2000 moeten de instellingen van de parallelle poort ingesteld worden in de eigenschappen van de parallelle poort om communicatie in twee richtingen tot stand te brengen. Telkens wanneer de parallelle-poortmodus in het BIOS wordt gewijzigd, worden de poortinstellingen teruggezet op de standaardwaarden. Deze moeten worden gewijzigd om de instellingen te corrigeren. Raadpleeg onderstaande informatie om de poortinstellingen in te stellen.
Controleer of de versie van het Windows besturingssysteem dat op de computer is geïnstalleerd, wordt ondersteund door uw All-in-One-software. Installeer geen HP All-in-One-software die voor een ander Windows besturingssysteem is ontworpen. Als u de verkeerde software hebt, gaat u naar HP Klantenondersteuning en downloadt u de juiste HP All-in-One-softwarestuurprogramma's.
Als u problemen ondervindt tijdens het gebruik van de ECP-modus of als de ECP-modus niet beschikbaar is, gebruik dan de standaard bidirectionele, SPP-, PS2- of AT-compatibele modus, afhankelijk van de opties die beschikbaar zijn in het BIOS.
Controleren of de ECP is ingeschakeld
De enige manier om te controleren of de parallelle poort is ingesteld op ECP-modus is door te zoeken in de BIOS-instellingen van de computer. De parallelle-poortmodus kan ook worden gecontroleerd in de eigenschappen van de parallelle poort van het apparaatbeheer maar de gegevens in het apparaatbeheer zijn niet altijd nauwkeurig. Op computers met Windows NT 4.0 moet u het BIOS controleren omdat er geen apparaatbeheer in NT 4.0 is.
Zodra de parallelle-poortinstellingen worden gewijzigd in de ECP-modus, zullen Windows en de software van het HP All-in-One product ECP automatisch gebruiken. ECP werkt mogelijk niet op sommige systemen, met name op draagbare computers. Voer de volgende stappen uit om uit te zoeken of een systeem in de ECP-modus staat en om de instellingen voor de parallelle poort in de BIOS-instellingen van de computer te wijzigen.
  1. Open Apparaatbeheer.
    Windows 95, 98 en Me
    1. Klik met de rechtermuisknop op Deze computer op het bureaublad van Windows en klik op Eigenschappen.
    2. Klik op de tab Apparaatbeheer.
      Windows 2000 en XP
    1. Met de rechtermuisknop op DezeComputer op het bureaublad van Windows en klik op Eigenschappen (in Windows XP, klikt u op Start en vervolgens op Eigenschappen).
    2. Klik op het tabblad Hardware.
    3. Klik op de knop Apparaatbeheer in het midden van het tabblad Hardware.
  2. Dubbelklik in de lijst op Poorten en selecteer de referentie naar LPT1. Het is mogelijk dat u ECP niet naast de referentie naar LPT1 ziet.
  3. Dubbelklik op de parallelle-poortinvoer die op de All-in-One is geïnstalleerd, gewoonlijk de invoer LPT1Parallelle poort, om de eigenschappen van de parallelle poort te openen.
  4. Klik op het tabblad Bronnen. Als de parallelle poort in de ECP-modus staat, worden er twee I/O-reeksen vermeld. Als er geen twee I/O-reeksen worden vermeld, dan staat de parallelle poort niet in de ECP-modus.
  5. Een invoer-/uitvoerreeks begint met 0378 voor LPT1 of 0278 voor LPT2. Dit is de adresreeks van het systeem die is gereserveerd voor deze poorten. Als een invoer-/uitvoerreeks niet 0378 voor LPT1 of 0278 voor LPT2 is, moet de instelling worden gewijzigd; anders werkt de HP All-in-One niet goed. Neem contact op met de computerfabrikant voor hulp bij het wijzigen van de broninstelling.
     opmerking:
    Zelfs als de parallelle-poortinvoer 'ECP-printerpoort' is en twee invoer-/uitvoerreeksen heeft, kan de modus ECP en EPP zijn. Modus ECP en EPP werkt mogelijk niet goed. De enige manier om te controleren of de modus juist is, is door het BIOS van de computer te controleren.
Interrupts en DMA-kanalen controleren alvorens de ECP-modus in te stellen
Voordat u de parallelle-poortmodus wijzigt, controleert u de interrupt-aanvraag en de beschikbare Direct Memory Access-kanalen (DMA). Wanneer u de parallelle-poortmodus in de ECP-instelling wijzigt, kan het BIOS vereisen dat de interrupt-aanvraag en DMA-kanalen ook worden ingesteld.
  1. Voer een van de volgende stappen uit in het Apparaatbeheer:
    • Windows 95, Windows 98 en Windows Me: Dubbelklik op Computer en klik op het tabblad Bronnen weergeven. Noteer de interrupt die wordt gebruikt.
    • Windows 2000 en XP: Selecteer in het menu Weergeven de optie Bronnen per verbinding. Noteer de interrupt die wordt gebruikt voor de parallelle poort.
  2. Selecteer de sectie DMA. Bekijk de DMA-kanalen die al worden gebruikt. Noteer de kanalen die zijn gebruikt.
  3. Verlaat het Apparaatbeheer.
     opmerking:
    Windows beheert deze specifieke DMA-aanvraag. Het HP All-in-One product maakt geen specifieke DMA-aanvragen.
BIOS-instellingen weergeven en bewerken
De methode voor het invoeren van het BIOS is afhankelijk van de computer of de fabrikant van het moederbord en het model. Sommige draagbare computers hebben een configuratieprogramma waarmee u het BIOS kunt wijzigingen, maar normaal gesproken wordt het BIOS geactiveerd terwijl de computer wordt opgestart. Start de computer opnieuw op en wacht tot op het scherm het bericht Druk op (toets) om Setup te starten of een vergelijkbaar bericht wordt weergegeven. Druk op de aangegeven toets terwijl het bericht op het scherm wordt weergegeven om het BIOS te openen.
De volgende tabel vermeldt de meest voorkomende toetsenbordtoetsen en methodes die worden gebruikt om het BIOS te openen voor verschillende computerfabrikanten. Als de computerfabrikant of het model niet wordt vermeld, of als u het BIOS niet kunt openen of in het BIOS kunt navigeren, neem dan contact op met de fabrikant en vraag voor hulp en informatie over BIOS-updates.
Merk of model van computer
Druk op deze toets om het BIOS te openen
Compaq Presario
Druk op F10 bij het rode Compaq-logo tijdens het opstarten van de computer.
Dell Dimension
Druk op de toets Delete terwijl de computer opstart.
Dell OptiPlex
Druk op F2 of op de toetsen Ctrl + Alt + Enter terwijl de computer opstart.
Dell Latitude (behalve LM)
Druk op willekeurig moment tegelijkertijd op de FN + F1-toetsen.
Dell Inspiron en Latitude LM
Druk op F2 terwijl de computer opstart.
EMachines
Druk op de toets Delete terwijl de computer opstart.
Gateway
Druk op F1 terwijl de computer opstart.
HP Pavilion (de meeste modellen)
Druk op F1 bij het blauwe HP scherm terwijl de computer opstart.
HP Vectra en Kayak
Druk op F2 bij het blauwe HP scherm terwijl de computer opstart.
IBM ThinkPad
Druk op willekeurig moment tegelijkertijd op de FN + F1-toetsen.
IBM Aptiva
Druk op F1 bij het blauwe IBM-scherm terwijl de computer opstart.
De instellingen voor de parallelle poort zoeken
 let op:
Alleen onderstaande instellingen wijzigen. Het wijzigen van de verkeerde optie kan voor computerproblemen zorgen. Vraag de fabrikant van de computer om advies als u vragen hebt over het aanbrengen van wijzigingen in het BIOS.
Als u denkt dat u de verkeerde instelling hebt gewijzigd, sla de wijzigingen dan niet op wanneer u het BIOS verlaat. Als u de wijzigingen niet opslaat behoudt u de originele instellingen.
Nieuwere AMI, Award en Phoenix BIOS
De drie grootste bedrijven die het BIOS voor computers leveren, zijn: AMI, Award en Phoenix. De naam van het bedrijf wordt waarschijnlijk ergens boven in het BIOS-scherm vermeld. Voer de volgende stappen uit om de instellingen van de parallelle poort te zoeken voor de nieuwere versies van een BIOS van AMI, Award en Phoenix. Houd er rekening mee dat deze stappen mogelijk niet werken voor een oudere BIOS-versie of voor BIOS die door een ander bedrijf wordt aangeboden.
  • Nieuwere Phoenix en AMI BIOS:
    1. Ga in het hoofdmenu naar Geavanceerde configuratie randapparatuur.
    2. Selecteer Parallelle-poortmodus.
    3. Gebruik het plus- (+) en minteken (-) om de instellingen te wijzigen.
  • Award BIOS:
    1. Ga in het hoofdmenu naar Geïntegreerderandapparaten en Configureer I/O of Geïntegreerde I/O-poorten.
    2. Selecteer Parallelle-poortmodus.
    3. Gebruik het plus- (+) en minteken (-) om de instellingen te wijzigen.
Algemene BIOS-instructies
Lees de volgende informatie als u het BIOS niet kan wijzigen met bovenstaande stappen.
De methode die wordt gebruikt om binnen het BIOS te navigeren verschilt, afhankelijk van de fabrikant en versie van het BIOS. De pijltoetsen of de muis worden meestal gebruikt om binnen de BIOS-instellingen te navigeren. Normaal gesproken brengt u wijzigingen aan met het plus- (+) en minteken (-) of met F7 en F8.
Gebruik indien beschikbaar de Help-functie van het BIOS om te leren hoe u kunt navigeren en wijzigingen aan kunt brengen. De instellingen voor de parallelle poort bevinden zich mogelijk in de menu's Configuratie randapparatuur, Geavanceerd, Communicatie, of BIOS-instellingen. Er is mogelijk ook een submenu genaamd Geïntegreerde randapparatuur, Geïntegreerde I/O poorten, Poorten of Communicatie. U moet mogelijk door alle opties op de hoofdpagina van de BIOS-instellingen bladeren.
De parallelle-poortinstellingen wijzigen
Voer de volgende stappen uit als u de parallelle-poortinstellingen hebt gevonden:
  1. Kijk boven de poortmodus of er een optie is voor het configureren van de parallelle poort. De configuratie voor de parallelle poort moet worden ingesteld op Ingeschakeld of Automatisch. Als de parallelle poort is ingesteld om te worden geconfigureerd door het besturingssysteem of in het besturingssysteem wordt beheerd, wijzigt u deze instelling in Ingeschakeld.
  2. Wijzig de poortmodus van de huidige instelling (als dit niet al ECP is) in ECP. Als ECP geen beschikbare optie is, selecteer ECP/EPP, PS/2, AT-compatibel, BiDi of SPP in aflopende volgorde van voorkeur.
  3. Als het BIOS vereist dat een interrupt-aanvraag en/of DMA-kanaal moet worden ingesteld voor de poort, gebruikt u de oorspronkelijke interrupt-aanvraag zoals hierboven bepaald en/of een vrij DMA-kanaal.
  4. Selecteer de optie om de instellingen op te slaan en verlaat het BIOS.
  5. De computer start opnieuw op. Nadat Windows opnieuw is opgestart, opent u Apparaatbeheer om te controleren of de parallelle poort op ECP-modus is ingesteld.
Het tabblad poortinstellingen voor Windows 2000 en Windows XP
Windows 2000 en XP hebben een extra tabblad in de eigenschappen van de parallelle poort voor poortinstellingen. Deze instellingen moeten worden veranderd na het wijzigen van de BIOS-instellingen anders kunnen de computer en de HP All-in-One niet met elkaar communiceren.
  1. Klik met de rechtermuisknop op Deze Computer vanaf het Windows bureaublad en klik op Eigenschappen (klik eerst op Start in Windows XP).
  2. Klik op het tabblad Hardware.
  3. Klik op Apparaatbeheer.
  4. Dubbelklik in de lijst op Poorten en dubbelklik op de parallelle-poortverwijzing om het scherm Poorteigenschappen te openen.
  5. Klik op het tabblad Poortinstellingen.
  6. Selecteer de optie Willekeurig welk interrupt gebruiken dat aan de poort is toegewezen en selecteer Oude Plug en Play-detectie inschakelen.
  7. Klik op OK om de wijzigingen op te slaan en sluit Apparaatbeheer.
Dell-computers
Dells die gebruik maken van de XT- en AT-compatibele parallelle-poortmodus in het BIOS
Veel Dell Precision en Optiplex computers uit eind 1990 gebruiken een andere bidirectionele parallelle-poortmodus. Windows kan zich mogelijk niet zelf configureren voor deze bidirectionele parallelle-poortmodus. In plaats van de normale EPP, ECP of standaard bidirectionele BIOS-instellingen voor de parallelle poort, zijn de instellingen XT, AT, of PS-2-compatibel.
De AT- en PS-2-compatibele instellingen horen de bidirectionele instellingen te zijn maar zijn mogelijk niet compatibel met de industriestandaard ECP-modus die sommige HP All-in-One producten vereisen. Het resultaat is dat de computer en het HP All-in-One product niet kunnen communiceren. Raadpleeg de website van Dell voor BIOS-updates voor het moederbord. Neem zo nodig contact op met Dell.
Mogelijke oplossing
  1. Start het BIOS van de computer door op F2 te drukken terwijl de computer wordt opgestart. Neem zo nodig contact op met Dell voor hulp bij deze taak.
  2. Druk in het Setup-scherm van BIOS herhaaldelijk op de pijl-omlaag tot u Geïntegreerde apparaten hebt gemarkeerd. Druk op Enter.
  3. Druk herhaaldelijk op de toets pijl-omlaag totdat u Parallelle poort hebt geselecteerd. Druk op Enter.
  4. Druk herhaaldelijk op de toets pijl-rechts totdat u AT of PS-2-modus ziet.
  5. Druk drie keer op de Esc-toets om Setup af te sluiten. U moet het bericht Wijzigingen opslaan en afsluiten zien.
  6. Druk op Enter om de wijzigingen op te slaan en de computer opnieuw op te starten.
Dell 8100-serie
Als u een computer uit de Dell 8100-serie gebruikt, controleer dan of deze met BIOS-versie A09 of hoger werkt. De BIOS-versie wordt weergegeven terwijl de computer opstart; druk anders op F2 terwijl de computer wordt opgestart om het BIOS Setup-programma van de computer te openen.
Als er een nieuwe BIOS is gedownload en het probleem niet is opgelost, start dan het BIOS en voer onderstaande wijzigingen uit om de parallelle poort volledig functioneel te maken in de ECP-modus:
Oplossing
  1. Start het BIOS met bovenstaande stappen en wijzig de parallelle-poortmodus in ECP.
  2. Terwijl u de poortmodus wijzigt, stelt u het DMA-kanaal in op 1.
  3. Als het probleem nog niet is opgelost, verwijdert u de All-in-One-software en installeert u deze opnieuw.
Alternatieve oplossing
Voer de volgende stappen uit als het probleem nog steeds optreedt.
  1. Start het BIOS door op F2 te drukken terwijl de computer wordt opgestart. Neem zo nodig contact op met Dell.
  2. Druk in het Setup-scherm van BIOS herhaaldelijk op de pijl-omlaag tot u Geïntegreerde apparaten hebt gemarkeerd. Druk op Enter.
  3. Druk herhaaldelijk op de pijl-omlaag totdat Parallelle poort is gemarkeerd. Druk op Enter.
  4. Druk herhaaldelijk op de toets pijl-rechts totdat PS-2-modus verschijnt. Verander het I/O-adres naar 3BCH.
  5. Druk drie keer op de Esc-toets om Setup af te sluiten. Het bericht Wijzigingen opslaan en afsluiten zal verschijnen.
  6. Druk op Enter om de wijzigingen op te slaan en start de computer opnieuw op.
Waarom ECP-modus gunstig is
Bekijk de overdrachtsnelheid-informatie hieronder. ECP-modus is ongeveer 24 keer sneller dan de andere parallelle-poortmodi en zelfs nog sneller dan de USB 1.0/1.1 standaard die op de meeste bestaande computermoederborden staat. Toekomstige herzieningen van USB (USB 2.0 hi-speed) en IEEE1394 (Firewire) -verbindingen zijn of zullen sneller worden, maar vereisen moederborden (of insteekkaarten) en randapparatuur die deze standaarden ondersteunen.
Type aansluiting
Overdrachtsnelheid (megabits per seconde)
Seriële poort
0,92 Mbps
Standaard parallelle poort
0,92 Mbps
USB 1.0/1.1 lage snelheid
12 Mbps
USB 1.1 hoge snelheid
12 Mbps
ECP parallelle poort
24 Mbps
IEEE1394 (Firewire)
400 Mbps
USB 2.0 Hi-Speed
480 Mbps
De voordelen van ECP-modus verschillen per computer. De grootste snelheidstoename treedt op bij oudere 486 en Pentium (R)-systemen. Sommige systemen, met name draagbare computers hebben mogelijk een ECP-instelling in het BIOS maar de actuele hardware kan deze instelling niet goed gebruiken, vooral als er een dockingstation wordt gebruikt. Als er incompatibiliteit met de ECP-modus is, kunnen de volgende problemen optreden:
  • Het product kan afdrukken maar niet scannen.
  • Het product kan scannen maar niet afdrukken.
  • Het product kan afdrukken en scannen, maar dit gaat erg langzaam.
  • Het product scant inconsistent
  • Er kunnen communicatiefouten optreden.
Contact opnemen met HP als dit probleem terugkeert
Ga naar de HP Klantenondersteuning of zoek naar informatie voor klantenondersteuning in de HP producthandleiding.

hp-feedback-input-portlet

Acties
Bezig met laden...

hp-online-communities-portlet

Acties
Bezig met laden...

Vraag het de community!


Ondersteuningsforum

Ondersteuningsforum

Praat mee! Vind oplossingen, stel vragen en deel advies met andere eigenaars van HP-producten. Nu bezoeken


hp-feedback-banner-portlet

Acties
Bezig met laden...

hp-country-locator-portlet

Acties
Bezig met laden...
Land: Flag België

hp-detect-load-my-device-portlet

Acties
Bezig met laden...